kaalvreten
werkwoordBetekenis
- door vraat van alle begroeiing ontdoen
- tweede betekenisomschrijving
- enz.
Vervoeging van kaalvreten
kaalvretenhele werkwoord — vrat kaalverleden tijd enkelvoud — vraten kaalverleden tijd meervoud — kaalgevretenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | vreet kaal | vrat kaal |
| jij | vreet kaal | vrat kaal |
| hij, zij, het | vreet kaal | vrat kaal |
| wij | vreten kaal | vraten kaal |
| jullie | vreten kaal | vraten kaal |
| zij | vreten kaal | vraten kaal |
Alle 73 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ev. | gebiedende wijs |
| had kaalgevreten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had kaalgevreten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had kaalgevreten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden kaalgevreten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden kaalgevreten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden kaalgevreten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt kaalgevreten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb kaalgevreten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben kaalgevreten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben kaalgevreten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben kaalgevreten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben kaalgevreten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt kaalgevreten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft kaalgevreten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft kaalgevreten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| kaal te vreten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| kaal te zullen vreten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| kaal zal vreten | bijzin, toekomende tijd |
| kaal zou vreten | bijzin, voorwaardelijk |
| kaal zouden vreten | bijzin, voorwaardelijk |
| kaal zoudt vreten | bijzin, voorwaardelijk |
| kaal zullen vreten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| kaal zullen vreten | bijzin, toekomende tijd |
| kaal zult vreten | bijzin, toekomende tijd |
| kaalgevreten | verleden tijd, deelwoord |
| kaalgevreten te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| kaalgevreten zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| kaalvrat | bijzin, verleden tijd |
| kaalvraten | bijzin, verleden tijd |
| kaalvreet | bijzin, tegenwoordige tijd |
| kaalvretend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben kaalgevreten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen kaalvreten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vrat kaal | verleden tijd |
| vreet kaal | gebiedende wijs |
| zal kaalgevreten hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal kaalgevreten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal kaalgevreten hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal kaalvreten | bijzin, toekomende tijd |
| zou kaalgevreten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou kaalgevreten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou kaalgevreten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou kaalvreten | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) kaalvreten kaal zou(dt) vreten | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden kaalgevreten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden kaalgevreten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden kaalgevreten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden kaalvreten | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt kaalgevreten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt kaalvreten | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen kaalgevreten hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen kaalgevreten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen kaalgevreten hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen kaalvreten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen kaalvreten | bijzin, toekomende tijd |
| zult kaalgevreten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult kaalvreten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult kaalvreten | bijzin, toekomende tijd |
| zult/zal kaalvreten kaal zult/zal vreten | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
samenstelling van kaal en vreten
Woordfamilie van kaalvreten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kaalgevreten | voltooid deelwoord | kaalvreten |
| kaalvrat | subordinate-clause, verleden tijd | kaalvreten |
| kaalvraten | subordinate-clause, verleden tijd | kaalvreten |
| kaalvreet | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | kaalvreten |
| kaalvrete | with-subordinate-clause | kaalvreten |
| kaalvretend | onvoltooid deelwoord | kaalvreten |
| kaalvretende | woordvorm | kaalvreten |
| vrat kaal | verleden tijd | kaalvreten |
| vraten kaal | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | kaalvreten |
| vreet kaal | gebiedende wijs | kaalvreten |
| vrete kaal | woordvorm | kaalvreten |
| vreten kaal | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | kaalvreten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kaalvreten zijn vastgelegd.