jongeheer
zelfstandig naamwoord /jɔŋəˈɦɪ:r/Betekenis
- een jong persoon van het mannelijk geslacht
- (platvloers) mannelijk geslachtsorgaan, penis
Hoe spreek je jongeheer uit?
/jɔŋəˈhɪr/
Jongeheer bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| j | ja |
| ɔ | bot |
| ŋ | ding |
| ə | de |
| h | hoed |
| ɪ | pit |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- mannelijk geslachtsorgaan, penis, piemel informal
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| jongeheertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| jongeheertjes | verkleinwoord, meervoud |
| jongeheren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van jong en heer met het invoegsel -e-
Woordfamilie van jongeheer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| jongeheertje | verkleinwoord | jongeheer |
| jongeheertjes | verkleinwoord meervoud | jongeheer |
| jongeheren | meervoud | jongeheer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van jongeheer zijn vastgelegd.