inpompen
werkwoordBetekenis
- naar binnen pompen
- aanleren
Vervoeging van inpompen
inpompenhele werkwoord — pompte inverleden tijd enkelvoud — pompten inverleden tijd meervoud — ingepomptvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | pomp in | pompte in |
| jij | pompt in | pompte in |
| hij, zij, het | pompt in | pompte in |
| wij | pompen in | pompten in |
| jullie | pompen in | pompten in |
| zij | pompen in | pompten in |
Alle 74 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ev. | gebiedende wijs |
| had ingepompt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had ingepompt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had ingepompt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden ingepompt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden ingepompt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden ingepompt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt ingepompt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb ingepompt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben ingepompt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben ingepompt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben ingepompt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben ingepompt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt ingepompt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft ingepompt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft ingepompt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| in te pompen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| in te zullen pompen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| in zal pompen | bijzin, toekomende tijd |
| in zou pompen | bijzin, voorwaardelijk |
| in zouden pompen | bijzin, voorwaardelijk |
| in zoudt pompen | bijzin, voorwaardelijk |
| in zullen pompen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| in zullen pompen | bijzin, toekomende tijd |
| in zult pompen | bijzin, toekomende tijd |
| ingepompt | verleden tijd, deelwoord |
| ingepompt te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ingepompt zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| inpomp | bijzin, tegenwoordige tijd |
| inpompend | onvoltooid, deelwoord |
| inpompt | bijzin, tegenwoordige tijd |
| inpompte | bijzin, verleden tijd |
| inpompten | bijzin, verleden tijd |
| pomp in | gebiedende wijs |
| pompte in | verleden tijd |
| te hebben ingepompt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen inpompen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal ingepompt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal ingepompt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal ingepompt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal inpompen | bijzin, toekomende tijd |
| zou ingepompt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou ingepompt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou ingepompt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou inpompen | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) inpompen in zou(dt) pompen | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden ingepompt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden ingepompt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden ingepompt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden inpompen | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt ingepompt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt inpompen | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen ingepompt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen ingepompt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen ingepompt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen inpompen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen inpompen | bijzin, toekomende tijd |
| zult ingepompt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult inpompen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult inpompen | bijzin, toekomende tijd |
| zult/zal inpompen in zult/zal pompen | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
samenstelling van in en pompen
Woordfamilie van inpompen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ingepompt | voltooid deelwoord | inpompen |
| inpomp | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | inpompen |
| inpompe | with-subordinate-clause | inpompen |
| inpompend | onvoltooid deelwoord | inpompen |
| inpompende | woordvorm | inpompen |
| inpompt | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | inpompen |
| inpompte | subordinate-clause, verleden tijd | inpompen |
| inpompten | subordinate-clause, verleden tijd | inpompen |
| pomp in | gebiedende wijs | inpompen |
| pompe in | woordvorm | inpompen |
| pompen in | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | inpompen |
| pompt in | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | inpompen |
| pompte in | verleden tijd | inpompen |
| pompten in | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | inpompen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van inpompen zijn vastgelegd.