Naar de inhoud

ingieten

iets ~:een vloeistof onder werking van de zwaartekracht ergens in laten stromen

ingieten

werkwoord

Betekenis

  1. iets ~:een vloeistof onder werking van de zwaartekracht ergens in laten stromen
  2. hij goot het brons de vorm in
  3. iemand iets ~: iemand iets bij herhaling aanleren

Vervoeging van ingieten

ingietenhele werkwoord — goot inverleden tijd enkelvoud — goten inverleden tijd meervoud — ingegotenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik giet in goot in
jij giet in goot in
hij, zij, het giet in goot in
wij gieten in goten in
jullie gieten in goten in
zij gieten in goten in
Alle 144 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is ingegoten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was ingegoten impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd ingegoten impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt ingegoten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal ingegoten worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal ingegoten zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou ingegoten worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou ingegoten zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
giet in gebiedende wijs
goot in verleden tijd
had ingegoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had ingegoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had ingegoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden ingegoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden ingegoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden ingegoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt ingegoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ingegoten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
in te gieten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
in te zullen gieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
in zal gieten bijzin, toekomende tijd
in zou gieten bijzin, voorwaardelijk
in zouden gieten bijzin, voorwaardelijk
in zoudt gieten bijzin, voorwaardelijk
in zullen gieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
in zullen gieten bijzin, toekomende tijd
in zult gieten bijzin, toekomende tijd
ingegoten verleden tijd, deelwoord
ingegoten te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ingegoten te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ingegoten te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ingegoten te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
ingegoten te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ingegoten worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ingegoten zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ingegoten zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ingegoten zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
ingegoten zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ingiet bijzin, tegenwoordige tijd
ingietend onvoltooid, deelwoord
ingoot bijzin, verleden tijd
ingoten bijzin, verleden tijd
is ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben ingegoten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen ingieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart ingegoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ingegoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren ingegoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ingegoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
was ingegoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was ingegoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was ingegoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd ingegoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd ingegoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd ingegoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden ingegoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden ingegoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden ingegoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt ingegoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word ingegoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden ingegoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden ingegoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden ingegoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt ingegoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt ingegoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal ingegoten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ingegoten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal ingegoten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal ingegoten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ingegoten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal ingieten bijzin, toekomende tijd
zijn ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt ingegoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou ingegoten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ingegoten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ingegoten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ingegoten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ingegoten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ingegoten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou ingieten bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) ingieten in zou(dt) gieten bijzin, voorwaardelijk
zouden ingegoten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ingegoten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ingegoten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ingegoten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ingegoten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ingegoten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden ingieten bijzin, voorwaardelijk
zoudt ingegoten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ingegoten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt ingieten bijzin, voorwaardelijk
zullen ingegoten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ingegoten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ingegoten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ingegoten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ingegoten zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ingegoten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ingieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ingieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen ingieten bijzin, toekomende tijd
zult ingegoten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ingegoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van in bw en gieten ww

Woordfamilie van ingieten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
giet in gebiedende wijs ingieten
giete in woordvorm ingieten
gieten in aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon ingieten
goot in verleden tijd ingieten
goten in aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon ingieten
ingegoten voltooid deelwoord ingieten
ingiet subordinate-clause, tegenwoordige tijd ingieten
ingiete with-subordinate-clause ingieten
ingietend onvoltooid deelwoord ingieten
ingietende woordvorm ingieten
ingoot subordinate-clause, verleden tijd ingieten
ingoten subordinate-clause, verleden tijd ingieten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ingieten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over ingieten

Wat is de betekenis van ingieten?
Ingieten is een werkwoord. De betekenis is: iets ~:een vloeistof onder werking van de zwaartekracht ergens in laten stromen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik ingieten?
Zo vervoeg je ingieten zo: het voltooid deelwoord is ingegoten. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord ingieten is 11 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. I 1
  2. N 1
  3. G 3
  4. I 1
  5. E 1
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 11 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

ingieten levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 57 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. I 2
  2. N 1
  3. G 3
  4. I 2
  5. E 1
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 13 zonder bonus
  10. 57 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

ingieten in het kort

ingieten staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van ingieten staan er 86 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort ingieten bij een woordfamilie van 12 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

ingieten: iets ~:een vloeistof onder werking van de zwaartekracht ergens in laten stromen
Deel ingieten — standaardnederlands.nl