Naar de inhoud

indringen

binnendringen, door dringen ergens in.

indringen

werkwoord

Betekenis

  1. binnendringen, door dringen ergens in.
  2. zich ~: zich door list, onbeschaamdheid enz. toegang bezorgen
  3. tweede betekenisomschrijving
  4. enz.

Vervoeging van indringen

indringenhele werkwoord — drong inverleden tijd enkelvoud — drongen inverleden tijd meervoud — ingedrongenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik dring in drong in
jij dringt in drong in
hij, zij, het dringt in drong in
wij dringen in drongen in
jullie dringen in drongen in
zij dringen in drongen in
Alle 60 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
dring in gebiedende wijs
dring u/je in, dringt je in gebiedende wijs
drong in verleden tijd
ev. gebiedende wijs
in te dringen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
in te zullen dringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
in zal dringen bijzin, toekomende tijd
in zou dringen bijzin, voorwaardelijk
in zouden dringen bijzin, voorwaardelijk
in zoudt dringen bijzin, voorwaardelijk
in zullen dringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
in zullen dringen bijzin, toekomende tijd
in zult dringen bijzin, toekomende tijd
indring bijzin, tegenwoordige tijd
indringend onvoltooid, deelwoord
indringt bijzin, tegenwoordige tijd
indrong bijzin, verleden tijd
indrongen bijzin, verleden tijd
indrongt bijzin, verleden tijd
ingedrongen verleden tijd, deelwoord
ingedrongen te zullen zijn, hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ingedrongen zullen zijn, hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
te zijn, hebben ingedrongen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen indringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal indringen bijzin, toekomende tijd
zal me indringen eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal zich indringen derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal, zult je indringen tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zich indringend onvoltooid, deelwoord
zich ingedrongen hebben verleden tijd
zijn, hebben ingedrongen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zou indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou indringen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) indringen in zou(dt) dringen bijzin, voorwaardelijk
zouden indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden indringen bijzin, voorwaardelijk
zoudt indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt indringen bijzin, voorwaardelijk
zullen indringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen indringen bijzin, toekomende tijd
zullen je indringen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen ons indringen eerste persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen zich indringen derde persoon, toekomende tijd, meervoud
zult indringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult indringen bijzin, toekomende tijd
zult u indringen tweede persoon
zult u indringen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zult zich/u indringen tweede persoon
zult zich/u indringen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zult/zal indringen in zult/zal dringen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van in bw en dringen ww

Woordfamilie van indringen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
dring in gebiedende wijs indringen
dringe in woordvorm indringen
dringen in aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon indringen
dringt in aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon indringen
drong in verleden tijd indringen
drongen in aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon indringen
indring subordinate-clause, tegenwoordige tijd indringen
indringe with-subordinate-clause indringen
indringt subordinate-clause, tegenwoordige tijd indringen
indrong subordinate-clause, verleden tijd indringen
indrongen subordinate-clause, verleden tijd indringen
ingedrongen voltooid deelwoord indringen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van indringen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over indringen

Wat betekent indringen?
Indringen is een werkwoord. Het woord betekent: binnendringen, door dringen ergens in. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je indringen?
Je vervoegt indringen als volgt: het voltooid deelwoord is ingedrongen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord indringen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. I 1
  2. N 1
  3. D 2
  4. R 2
  5. I 1
  6. N 1
  7. G 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

indringen levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 63 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. I 2
  2. N 1
  3. D 2
  4. R 2
  5. I 2
  6. N 1
  7. G 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 zonder bonus
  11. 63 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

indringen in het kort

indringen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van indringen zijn 46 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort indringen bij een woordfamilie van 12 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

indringen: binnendringen, door dringen ergens in.
Deel indringen — standaardnederlands.nl