illusie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- zinsbegoocheling
- droombeeld, hoopvolle verwachting
- kunstmatige voorstelling
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| illusies | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘zinsbegoocheling, droombeeld’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1837
Woordfamilie van illusie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| illusies | meervoud | illusie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van illusie zijn vastgelegd.