huldigen
werkwoord ˈhʏldəɣə(n)Betekenis
- iemand hulde of eer bewijzen
Hoe spreek je huldigen uit?
/ˈhʏldəxən/
Huldigen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| ʏ | put |
| l | land |
| d | dak |
| ə | de |
| x | acht |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van huldigen
huldigenhele werkwoord — huldigdeverleden tijd enkelvoud — huldigdenverleden tijd meervoud — gehuldigdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | huldig | huldigde |
| jij | huldigt | huldigde |
| hij, zij, het | huldigt | huldigde |
| wij | huldigen | huldigden |
| jullie | huldigen | huldigden |
| zij | huldigen | huldigden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gehuldigd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gehuldigd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gehuldigd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gehuldigd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gehuldigd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gehuldigd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gehuldigd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gehuldigd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gehuldigd | verleden tijd, deelwoord |
| gehuldigd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gehuldigd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gehuldigd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gehuldigd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gehuldigd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gehuldigd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gehuldigd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gehuldigd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gehuldigd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gehuldigd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gehuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gehuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gehuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gehuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gehuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gehuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gehuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gehuldigd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| huldig | gebiedende wijs |
| huldigde | verleden tijd |
| huldige | aanvoegende wijs |
| huldigend | onvoltooid, deelwoord |
| is gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben gehuldigd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te huldigen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen huldigen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gehuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gehuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gehuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gehuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gehuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gehuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gehuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gehuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gehuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gehuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gehuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gehuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gehuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gehuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gehuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gehuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gehuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gehuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gehuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gehuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gehuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gehuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gehuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gehuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gehuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gehuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gehuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gehuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gehuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gehuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gehuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gehuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gehuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gehuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen huldigen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gehuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gehuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gehuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult huldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
In de betekenis van ‘eer bewijzen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1654
Woordfamilie van huldigen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gehuldigd | voltooid deelwoord | huldigen |
| huldig | gebiedende wijs | huldigen |
| huldigde | verleden tijd | huldigen |
| huldigden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | huldigen |
| huldige | aanvoegende wijs | huldigen |
| huldigend | onvoltooid deelwoord | huldigen |
| huldigende | woordvorm | huldigen |
| huldigt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | huldigen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van huldigen zijn vastgelegd.