hoeksteen
zelfstandig naamwoord /ˈhuk.steːn/Betekenis
- een steen die gebruikt wordt om de hoekpunten van bouwwerken te verstevigen
- een zeer belangrijk onderdeel van iets dat andere onderdelen samenhoudt
Hoe spreek je hoeksteen uit?
/ˈhuksten/
Hoeksteen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| u | boek |
| k | kat |
| s | sok |
| t | tak |
| e | veel |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hoekstenen | meervoud |
Herkomst
Een toespeling op de Bijbelse passage “(waarvan) Jezus Christus is de uiterste Hoeksteen”, (Latijn: summo angulari lapide Christo Iesu), Efeziërs 2:21.
Woordfamilie van hoeksteen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hoekstenen | meervoud | hoeksteen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hoeksteen zijn vastgelegd.