heupband
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een band die men om de heup draagt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| heupbanden | meervoud |
| heupbandje | verkleinwoord, enkelvoud |
| heupbandjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van heup zn en band zn
Woordfamilie van heupband
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| heupbanden | meervoud | heupband |
| heupbandje | verkleinwoord | heupband |
| heupbandjes | verkleinwoord meervoud | heupband |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van heupband zijn vastgelegd.