handteken
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- teken met de hand
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| handtekens | meervoud |
| handtekentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| handtekentjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van handtekenen
- gebiedende wijs van handtekenen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van handtekenen
Vervoeging van handteken
handtekenhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van hand en teken
Woordfamilie van handteken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| handtekens | meervoud | handteken |
| handtekentje | verkleinwoord | handteken |
| handtekentjes | verkleinwoord meervoud | handteken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van handteken zijn vastgelegd.