Naar de inhoud

googelen

naar informatie zoeken op het internet, m.n. met Google

googelen

werkwoord /ˈgu:gələ(n)/

Betekenis

  1. naar informatie zoeken op het internet, m.n. met Google

Hoe spreek je googelen uit?

/ˈgugələn/

Googelen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈgugələn/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
g goal
u boek
ə de
l land
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van googelen

googelenhele werkwoord — googeldeverleden tijd enkelvoud — googeldenverleden tijd meervoud — gegoogeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik googel googelde
jij googelt googelde
hij, zij, het googelt googelde
wij googelen googelden
jullie googelen googelden
zij googelen googelden
Alle 127 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gegoogeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegoogeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegoogeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegoogeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegoogeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegoogeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegoogeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegoogeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gegoogeld verleden tijd, deelwoord
gegoogeld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegoogeld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegoogeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegoogeld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegoogeld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegoogeld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegoogeld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegoogeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegoogeld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegoogeld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
googel gebiedende wijs
googelde verleden tijd
googele aanvoegende wijs
googelend onvoltooid, deelwoord
googlen
had gegoogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegoogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegoogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegoogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegoogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegoogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegoogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegoogeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te googelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegoogeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen googelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gegoogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegoogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gegoogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegoogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gegoogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gegoogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gegoogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gegoogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gegoogeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegoogeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegoogeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gegoogeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegoogeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal googelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal googelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal googelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gegoogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gegoogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegoogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegoogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegoogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegoogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegoogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou googelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou googelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou googelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gegoogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegoogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegoogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegoogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegoogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegoogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden googelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden googelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden googelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gegoogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegoogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt googelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gegoogeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegoogeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegoogeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegoogeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegoogeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegoogeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen googelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen googelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen googelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen googelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gegoogeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegoogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegoogeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult googelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Verbalisering van de naam Google.

Woordfamilie van googelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gegoogeld voltooid deelwoord googelen
gegoogelde woordvorm googelen
googel gebiedende wijs googelen
googelde verleden tijd googelen
googelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon googelen
googele aanvoegende wijs googelen
googelend onvoltooid deelwoord googelen
googelende woordvorm googelen
googelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon googelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van googelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over googelen

Hoe spreek je googelen uit?
De uitspraak van googelen is: /ˈgu:gələ(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent googelen?
Googelen is een werkwoord. Het woord betekent: naar informatie zoeken op het internet, m.n. met Google.
Hoe vervoeg je googelen?
Je vervoegt googelen als volgt: de tegenwoordige tijd is googel, de verleden tijd is googelde en het voltooid deelwoord is gegoogeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord googelen is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. O 1
  3. O 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

googelen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 60 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. O 1
  3. O 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 14 zonder bonus
  10. 60 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

googelen in het kort

googelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van googelen zijn 76 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort googelen bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

googelen: naar informatie zoeken op het internet, m.n. met Google
Deel googelen — standaardnederlands.nl