Naar de inhoud

gniffelen

wat onderdrukt plezier hebben

gniffelen

werkwoord

Betekenis

  1. wat onderdrukt plezier hebben

Vervoeging van gniffelen

gniffelenhele werkwoord — gniffeldeverleden tijd enkelvoud — gniffeldenverleden tijd meervoud — gegniffeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik gniffel gniffelde
jij gniffelt gniffelde
hij, zij, het gniffelt gniffelde
wij gniffelen gniffelden
jullie gniffelen gniffelden
zij gniffelen gniffelden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gegniffeld verleden tijd, deelwoord
gegniffeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegniffeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gniffel gebiedende wijs
gniffelde verleden tijd
gniffele aanvoegende wijs
gniffelend onvoltooid, deelwoord
had gegniffeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegniffeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegniffeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegniffeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegniffeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegniffeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegniffeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegniffeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegniffeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegniffeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegniffeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegniffeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegniffeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegniffeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegniffeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te gniffelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegniffeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen gniffelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gegniffeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegniffeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegniffeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gegniffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegniffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegniffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gegniffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegniffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegniffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gegniffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gegniffeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegniffeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegniffeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gniffelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gegniffeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gniffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘onderdrukt lachen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1860

Woordfamilie van gniffelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gegniffeld voltooid deelwoord gniffelen
gniffel gebiedende wijs gniffelen
gniffelde verleden tijd gniffelen
gniffelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon gniffelen
gniffele aanvoegende wijs gniffelen
gniffelend onvoltooid deelwoord gniffelen
gniffelende woordvorm gniffelen
gniffelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon gniffelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gniffelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over gniffelen

Wat betekent gniffelen?
Gniffelen is een werkwoord. Het woord betekent: wat onderdrukt plezier hebben.
Hoe vervoeg je gniffelen?
Je vervoegt gniffelen als volgt: de tegenwoordige tijd is gniffel, de verleden tijd is gniffelde en het voltooid deelwoord is gegniffeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord gniffelen is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. N 1
  3. I 1
  4. F 4
  5. F 4
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

gniffelen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. N 1
  3. I 2
  4. F 4
  5. F 4
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 20 zonder bonus
  11. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

gniffelen in het kort

gniffelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van gniffelen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort gniffelen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

gniffelen: wat onderdrukt plezier hebben
Deel gniffelen — standaardnederlands.nl