gezinsauto
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een grotere auto die geschikt is voor het vervoer van 2 volwassenen, 2-3 kinderen en hun vakantiebagage
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gezinsauto's | meervoud |
| gezinsautootje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gezinsautootjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van gezin en auto met het invoegsel -s-
Woordfamilie van gezinsauto
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gezinsauto's | meervoud | gezinsauto |
| gezinsautootje | verkleinwoord | gezinsauto |
| gezinsautootjes | verkleinwoord meervoud | gezinsauto |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gezinsauto zijn vastgelegd.