Naar de inhoud

geien

(zeilen) inkorten of gorden door het doorhalen van de daartoe bestemde touwen

geien is meer dan één woord

geien

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. (zeilen) inkorten of gorden door het doorhalen van de daartoe bestemde touwen

werkwoord

  1. inkorten of gorden door het doorhalen van de daartoe bestemde touwen transitive

Vervoeging van geien

geienhele werkwoord — geideverleden tijd enkelvoud — geidenverleden tijd meervoud — gegeidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik gei geide
jij geit geide
hij, zij, het geit geide
wij geien geiden
jullie geien geiden
zij geien geiden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gegeid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegeid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegeid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegeid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegeid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegeid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegeid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegeid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gegeid verleden tijd, deelwoord
gegeid te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegeid te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegeid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegeid te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegeid te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegeid worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegeid zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegeid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegeid zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegeid zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gei gebiedende wijs
geide verleden tijd
geie aanvoegende wijs
geiend onvoltooid, deelwoord
had gegeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te geien actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen geien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gegeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gegeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gegeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gegeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gegeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gegeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gegeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gegeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gegeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gegeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gegeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gegeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gegeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gegeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gegeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gegeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gegeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gegeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gegeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gegeid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegeid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal geien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal geien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gegeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gegeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegeid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegeid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegeid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou geien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou geien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gegeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegeid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegeid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegeid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gegeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegeid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gegeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegeid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegeid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegeid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen geien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gegeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegeid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord gei

Woordfamilie van geien

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gegeid voltooid deelwoord geien
gegeide woordvorm geien
geide verleden tijd geien
geiden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon geien
geie aanvoegende wijs geien
geiend onvoltooid deelwoord geien
geiende woordvorm geien

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van geien zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over geien

Wat betekent geien?
Geien is een werkwoord. Het woord betekent: (zeilen) inkorten of gorden door het doorhalen van de daartoe bestemde touwen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je geien?
Je vervoegt geien als volgt: de tegenwoordige tijd is gei, de verleden tijd is geide en het voltooid deelwoord is gegeid. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord geien is 7 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. E 1
  3. I 1
  4. E 1
  5. N 1
  6. 7 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

geien levert met Wordfeud minimaal 8 en maximaal 42 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. E 1
  3. I 2
  4. E 1
  5. N 1
  6. 8 zonder bonus
  7. 42 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

geien telt 5 letters, waarvan 4 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 6.487 woorden van 5 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

geien in het kort

geien is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van geien zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort geien bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

geien: (zeilen) inkorten of gorden door het doorhalen van de daartoe bestemde touwen
Deel geien — standaardnederlands.nl