gastenlijst
zelfstandig naamwoord ˈɣɑstə(n)ˌlɛistBetekenis
- lijst waarop de namen staan van de gasten van een feest of bijeenkomst
Hoe spreek je gastenlijst uit?
/ˈxɑstənˌlɛist/
Gastenlijst bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| t | tak |
| ə | de |
| n | nek |
| l | land |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gastenlijsten | meervoud |
| gastenlijstje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gastenlijstjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van gast en lijst met het invoegsel -en-
Woordfamilie van gastenlijst
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gastenlijsten | meervoud | gastenlijst |
| gastenlijstje | verkleinwoord | gastenlijst |
| gastenlijstjes | verkleinwoord meervoud | gastenlijst |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gastenlijst zijn vastgelegd.