gasklep
zelfstandig naamwoordBetekenis
- soort ventiel dat bij benzinemotoren de hoeveelheid aangezogen mengsel doseert
- klep die de toevoer of afvoer van gas regelt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gasklepje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gasklepjes | verkleinwoord, meervoud |
| gaskleppen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van gas zn en klep zn
Woordfamilie van gasklep
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gasklepje | verkleinwoord | gasklep |
| gasklepjes | verkleinwoord meervoud | gasklep |
| gaskleppen | meervoud | gasklep |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gasklep zijn vastgelegd.