gaskraan
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een kraan om de gastoevoer af te sluiten.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gaskraantje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gaskraantjes | verkleinwoord, meervoud |
| gaskranen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van gas en kraan
Woordfamilie van gaskraan
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gaskraantje | verkleinwoord | gaskraan |
| gaskraantjes | verkleinwoord meervoud | gaskraan |
| gaskranen | meervoud | gaskraan |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gaskraan zijn vastgelegd.