Naar de inhoud

galmen

langdurig luid naklinken

galmen is meer dan één woord

galmen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. langdurig luid naklinken
  2. op overdreven trage wijze iets zingen

Vervoeging van galmen

galmenhele werkwoord — galmdeverleden tijd enkelvoud — galmdenverleden tijd meervoud — gegalmdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik galm galmde
jij galmt galmde
hij, zij, het galmt galmde
wij galmen galmden
jullie galmen galmden
zij galmen galmden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gegalmd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegalmd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegalmd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegalmd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegalmd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegalmd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegalmd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegalmd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
galm gebiedende wijs
galmde verleden tijd
galme aanvoegende wijs
galmend onvoltooid, deelwoord
gegalmd verleden tijd, deelwoord
gegalmd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegalmd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegalmd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegalmd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegalmd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegalmd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegalmd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegalmd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegalmd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegalmd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gegalmd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegalmd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegalmd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegalmd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegalmd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegalmd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegalmd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegalmd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te galmen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegalmd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen galmen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gegalmd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegalmd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gegalmd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegalmd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gegalmd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gegalmd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gegalmd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gegalmd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gegalmd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gegalmd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gegalmd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gegalmd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gegalmd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gegalmd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gegalmd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gegalmd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gegalmd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gegalmd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gegalmd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gegalmd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal galmen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal galmen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal galmen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gegalmd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegalmd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegalmd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gegalmd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegalmd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gegalmd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou galmen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou galmen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou galmen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gegalmd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegalmd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegalmd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegalmd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegalmd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegalmd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden galmen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden galmen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden galmen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gegalmd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegalmd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegalmd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegalmd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegalmd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegalmd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt galmen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gegalmd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegalmd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen galmen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen galmen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen galmen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen galmen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gegalmd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegalmd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegalmd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegalmd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegalmd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegalmd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult galmen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gegalmd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegalmd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegalmd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord galm

Woordfamilie van galmen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
galmde verleden tijd galmen
galmden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon galmen
galme aanvoegende wijs galmen
galmt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon galmen
gegalmd voltooid deelwoord galmen
gegalmde woordvorm galmen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van galmen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over galmen

Wat is de betekenis van galmen?
Galmen is een werkwoord. De betekenis is: langdurig luid naklinken. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik galmen?
Zo vervoeg je galmen zo: de tegenwoordige tijd is galm, de verleden tijd is galmde en het voltooid deelwoord is gegalmd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord galmen is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. A 1
  3. L 3
  4. M 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

galmen levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 54 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. A 1
  3. L 3
  4. M 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 zonder bonus
  8. 54 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

galmen telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

galmen in het kort

galmen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van galmen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort galmen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

galmen: langdurig luid naklinken
Deel galmen — standaardnederlands.nl