Naar de inhoud

fingeren

voorwenden

fingeren

werkwoord

Betekenis

  1. voorwenden
  2. verzinnen

Vervoeging van fingeren

fingerenhele werkwoord — fingeerdeverleden tijd enkelvoud — fingeerdenverleden tijd meervoud — gefingeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik fingeer fingeerde
jij fingeert fingeerde
hij, zij, het fingeert fingeerde
wij fingeren fingeerden
jullie fingeren fingeerden
zij fingeren fingeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gefingeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gefingeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gefingeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gefingeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gefingeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gefingeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gefingeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gefingeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
fingeer gebiedende wijs
fingeerde verleden tijd
fingere aanvoegende wijs
fingerend onvoltooid, deelwoord
gefingeerd verleden tijd, deelwoord
gefingeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gefingeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gefingeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefingeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefingeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefingeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gefingeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gefingeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gefingeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gefingeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gefingeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gefingeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gefingeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gefingeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gefingeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gefingeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gefingeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefingeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te fingeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gefingeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen fingeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gefingeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gefingeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gefingeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gefingeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gefingeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gefingeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gefingeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gefingeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal fingeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal fingeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal fingeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gefingeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefingeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gefingeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gefingeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefingeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gefingeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou fingeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou fingeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou fingeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gefingeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefingeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefingeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefingeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefingeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefingeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden fingeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden fingeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden fingeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gefingeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gefingeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gefingeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gefingeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gefingeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gefingeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt fingeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gefingeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gefingeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen fingeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen fingeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen fingeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen fingeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gefingeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gefingeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gefingeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gefingeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gefingeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gefingeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult fingeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gefingeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gefingeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gefingeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘verzinnen’ voor het eerst aangetroffen in 1351

Woordfamilie van fingeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
fingeer gebiedende wijs fingeren
fingeerde verleden tijd fingeren
fingeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon fingeren
fingeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon fingeren
fingere aanvoegende wijs fingeren
fingerend onvoltooid deelwoord fingeren
fingerende woordvorm fingeren
gefingeerd voltooid deelwoord fingeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van fingeren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over fingeren

Wat is de betekenis van fingeren?
Fingeren is een werkwoord. De betekenis is: voorwenden. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik fingeren?
Zo vervoeg je fingeren zo: de tegenwoordige tijd is fingeer, de verleden tijd is fingeerde en het voltooid deelwoord is gefingeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord fingeren is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. I 1
  3. N 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

fingeren levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. I 2
  3. N 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 zonder bonus
  10. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

fingeren in het kort

fingeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van fingeren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort fingeren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

fingeren: voorwenden
Deel fingeren — standaardnederlands.nl