Naar de inhoud

eerbiedigen

respecteren

eerbiedigen

werkwoord

Betekenis

  1. respecteren

Vervoeging van eerbiedigen

eerbiedigenhele werkwoord — eerbiedigdeverleden tijd enkelvoud — eerbiedigdenverleden tijd meervoud — geëerbiedigdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik eerbiedig eerbiedigde
jij eerbiedigt eerbiedigde
hij, zij, het eerbiedigt eerbiedigde
wij eerbiedigen eerbiedigden
jullie eerbiedigen eerbiedigden
zij eerbiedigen eerbiedigden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
eerbiedig gebiedende wijs
eerbiedigde verleden tijd
eerbiedige aanvoegende wijs
eerbiedigend onvoltooid, deelwoord
er is geëerbiedigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geëerbiedigd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geëerbiedigd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geëerbiedigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geëerbiedigd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geëerbiedigd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geëerbiedigd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geëerbiedigd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geëerbiedigd verleden tijd, deelwoord
geëerbiedigd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geëerbiedigd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geëerbiedigd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geëerbiedigd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geëerbiedigd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geëerbiedigd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geëerbiedigd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geëerbiedigd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geëerbiedigd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geëerbiedigd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geëerbiedigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te eerbiedigen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben geëerbiedigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen eerbiedigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geëerbiedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geëerbiedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal geëerbiedigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geëerbiedigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geëerbiedigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geëerbiedigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geëerbiedigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geëerbiedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou geëerbiedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geëerbiedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geëerbiedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geëerbiedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geëerbiedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geëerbiedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden geëerbiedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geëerbiedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geëerbiedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geëerbiedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geëerbiedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geëerbiedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt geëerbiedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geëerbiedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen eerbiedigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen geëerbiedigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geëerbiedigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geëerbiedigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geëerbiedigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geëerbiedigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geëerbiedigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult eerbiedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult geëerbiedigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geëerbiedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geëerbiedigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van eerbied met het achtervoegsel -ig.

Woordfamilie van eerbiedigen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
eerbiedigde verleden tijd eerbiedigen
eerbiedigden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon eerbiedigen
eerbiedigend onvoltooid deelwoord eerbiedigen
eerbiedigende woordvorm eerbiedigen
eerbiedigt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon eerbiedigen
geëerbiedigd voltooid deelwoord eerbiedigen
geëerbiedigde woordvorm eerbiedigen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van eerbiedigen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over eerbiedigen

Wat is de betekenis van eerbiedigen?
Eerbiedigen is een werkwoord. De betekenis is: respecteren.
Hoe vervoeg ik eerbiedigen?
Zo vervoeg je eerbiedigen zo: de tegenwoordige tijd is eerbiedig, de verleden tijd is eerbiedigde en het voltooid deelwoord is geëerbiedigd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord eerbiedigen is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. E 1
  2. E 1
  3. R 2
  4. B 3
  5. I 1
  6. E 1
  7. D 2
  8. I 1
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

eerbiedigen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. E 1
  2. E 1
  3. R 2
  4. B 4
  5. I 2
  6. E 1
  7. D 2
  8. I 2
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 20 zonder bonus
  13. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

eerbiedigen in het kort

eerbiedigen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van eerbiedigen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort eerbiedigen bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

eerbiedigen: respecteren
Deel eerbiedigen — standaardnederlands.nl