doodrijden
werkwoordBetekenis
- zodanig tegen iemand aanrijden dat die persoon eraan overlijdt
Vervoeging van doodrijden
doodrijdenhele werkwoord — reed doodverleden tijd enkelvoud — reden doodverleden tijd meervoud — doodgeredenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | rij dood | reed dood |
| jij | rijdt dood | reed dood |
| hij, zij, het | rijdt dood | reed dood |
| wij | rijden dood | reden dood |
| jullie | rijden dood | reden dood |
| zij | rijden dood | reden dood |
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| dood te rijden | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| dood te zullen rijden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| dood zal rijden | bijzin, toekomende tijd |
| dood zou rijden | bijzin, voorwaardelijk |
| dood zouden rijden | bijzin, voorwaardelijk |
| dood zoudt rijden | bijzin, voorwaardelijk |
| dood zullen rijden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| dood zullen rijden | bijzin, toekomende tijd |
| dood zult rijden | bijzin, toekomende tijd |
| doodgereden | verleden tijd, deelwoord |
| doodgereden te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| doodgereden te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| doodgereden te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| doodgereden te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| doodgereden te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| doodgereden worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| doodgereden zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| doodgereden zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| doodgereden zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| doodgereden zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| doodreden | bijzin, verleden tijd |
| doodreed | bijzin, verleden tijd |
| doodrij | bijzin, tegenwoordige tijd |
| doodrijd | bijzin, tegenwoordige tijd |
| doodrijdend | onvoltooid, deelwoord |
| doodrijdt | bijzin, tegenwoordige tijd |
| er is doodgereden | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was doodgereden | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd doodgereden | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt doodgereden | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal doodgereden worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal doodgereden zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou doodgereden worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou doodgereden zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. rij dood/ rijd dood | gebiedende wijs |
| had doodgereden | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had doodgereden | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had doodgereden | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden doodgereden | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden doodgereden | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden doodgereden | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt doodgereden | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doodgereden | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| reed dood | verleden tijd |
| te hebben doodgereden | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen doodrijden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart doodgereden | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren doodgereden | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren doodgereden | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren doodgereden | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was doodgereden | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was doodgereden | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was doodgereden | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt doodgereden | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal doodgereden hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal doodgereden hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal doodgereden hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal doodgereden zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal doodgereden zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal doodrijden | bijzin, toekomende tijd |
| zijn doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt doodgereden | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou doodgereden hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou doodgereden hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou doodgereden hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou doodgereden zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou doodgereden zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou doodgereden zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou doodrijden | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) doodrijden dood zou(dt) rijden | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden doodgereden hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden doodgereden hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden doodgereden hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden doodgereden zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden doodgereden zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden doodgereden zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden doodrijden | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt doodgereden hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt doodgereden zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt doodrijden | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen doodgereden hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen doodgereden hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen doodgereden hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen doodgereden worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen doodgereden zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen doodgereden zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen doodgereden zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen doodrijden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen doodrijden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen doodrijden | bijzin, toekomende tijd |
| zult doodgereden hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van dood en rijden
Woordfamilie van doodrijden
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| doodgereden | voltooid deelwoord | doodrijden |
| doodreden | subordinate-clause, verleden tijd | doodrijden |
| doodreed | subordinate-clause, verleden tijd | doodrijden |
| doodrij | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | doodrijden |
| doodrijd | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | doodrijden |
| doodrijde | with-subordinate-clause | doodrijden |
| doodrijdend | onvoltooid deelwoord | doodrijden |
| doodrijdende | woordvorm | doodrijden |
| doodrijdt | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | doodrijden |
| reden dood | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | doodrijden |
| reed dood | verleden tijd | doodrijden |
| rij dood | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 1e persoon | doodrijden |
| rijd dood | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 1e persoon | doodrijden |
| rijde dood | woordvorm | doodrijden |
| rijden dood | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | doodrijden |
| rijdt dood | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | doodrijden |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van doodrijden zijn vastgelegd.