dienstweigeren
werkwoordBetekenis
- weigeren aan de plicht te gehoorzamen militaire dienst te verrichten
Vervoeging van dienstweigeren
dienstweigerenhele werkwoord — weigerde dienstverleden tijd enkelvoud — weigerden dienstverleden tijd meervoud — dienstgeweigerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | weiger dienst | weigerde dienst |
| jij | weigert dienst | weigerde dienst |
| hij, zij, het | weigert dienst | weigerde dienst |
| wij | weigeren dienst | weigerden dienst |
| jullie | weigeren dienst | weigerden dienst |
| zij | weigeren dienst | weigerden dienst |
Alle 74 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dienst te weigeren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| dienst te zullen weigeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| dienst zal weigeren | bijzin, toekomende tijd |
| dienst zou weigeren | bijzin, voorwaardelijk |
| dienst zouden weigeren | bijzin, voorwaardelijk |
| dienst zoudt weigeren | bijzin, voorwaardelijk |
| dienst zullen weigeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| dienst zullen weigeren | bijzin, toekomende tijd |
| dienst zult weigeren | bijzin, toekomende tijd |
| dienstgeweigerd | verleden tijd, deelwoord |
| dienstgeweigerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| dienstgeweigerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| dienstweiger | bijzin, tegenwoordige tijd |
| dienstweigerde | bijzin, verleden tijd |
| dienstweigerden | bijzin, verleden tijd |
| dienstweigerend | onvoltooid, deelwoord |
| dienstweigert | bijzin, tegenwoordige tijd |
| ev. | gebiedende wijs |
| had dienstgeweigerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had dienstgeweigerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had dienstgeweigerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden dienstgeweigerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden dienstgeweigerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden dienstgeweigerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt dienstgeweigerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb dienstgeweigerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben dienstgeweigerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben dienstgeweigerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben dienstgeweigerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben dienstgeweigerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt dienstgeweigerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft dienstgeweigerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft dienstgeweigerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben dienstgeweigerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen dienstweigeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| weiger dienst | gebiedende wijs |
| weigerde dienst | verleden tijd |
| zal dienstgeweigerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal dienstgeweigerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal dienstgeweigerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal dienstweigeren | bijzin, toekomende tijd |
| zou dienstgeweigerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou dienstgeweigerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou dienstgeweigerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou dienstweigeren | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) dienstweigeren dienst zou(dt) weigeren | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden dienstgeweigerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden dienstgeweigerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden dienstgeweigerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden dienstweigeren | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt dienstgeweigerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt dienstweigeren | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen dienstgeweigerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen dienstgeweigerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen dienstgeweigerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen dienstweigeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen dienstweigeren | bijzin, toekomende tijd |
| zult dienstgeweigerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult dienstweigeren | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult dienstweigeren | bijzin, toekomende tijd |
| zult/zal dienstweigeren dienst zult/zal weigeren | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
samenstelling van dienst en weigeren
Woordfamilie van dienstweigeren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dienstgeweigerd | voltooid deelwoord | dienstweigeren |
| dienstweiger | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | dienstweigeren |
| dienstweigerde | subordinate-clause, verleden tijd | dienstweigeren |
| dienstweigerden | subordinate-clause, verleden tijd | dienstweigeren |
| dienstweigere | with-subordinate-clause | dienstweigeren |
| dienstweigerend | onvoltooid deelwoord | dienstweigeren |
| dienstweigerende | woordvorm | dienstweigeren |
| dienstweigert | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | dienstweigeren |
| weiger dienst | gebiedende wijs | dienstweigeren |
| weigerde dienst | verleden tijd | dienstweigeren |
| weigerden dienst | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | dienstweigeren |
| weigere dienst | woordvorm | dienstweigeren |
| weigeren dienst | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | dienstweigeren |
| weigert dienst | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | dienstweigeren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dienstweigeren zijn vastgelegd.