| - |
impersonal, passief
|
| ben gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| bent gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| demoniseer |
gebiedende wijs
|
| demoniseerde |
verleden tijd
|
| demonisere |
aanvoegende wijs
|
| demoniserend |
onvoltooid, deelwoord
|
| er is gedemoniseerd |
impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
|
| er was gedemoniseerd |
impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
|
| er werd gedemoniseerd |
impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
|
| er wordt gedemoniseerd |
impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
|
| er zal gedemoniseerd worden |
impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
|
| er zal gedemoniseerd zijn |
impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
|
| er zou gedemoniseerd worden |
impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
|
| er zou gedemoniseerd zijn |
impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
|
| ev. |
gebiedende wijs
|
| gedemoniseerd |
verleden tijd, deelwoord
|
| gedemoniseerd te worden |
infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| gedemoniseerd te zijn |
infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| gedemoniseerd te zullen hebben |
actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| gedemoniseerd te zullen worden |
infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| gedemoniseerd te zullen zijn |
infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| gedemoniseerd worden |
infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
|
| gedemoniseerd zijn |
infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
|
| gedemoniseerd zullen hebben |
actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| gedemoniseerd zullen worden |
infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| gedemoniseerd zullen zijn |
infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| had gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| had gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| had gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| hadden gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| hadden gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| hadden gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| hadt gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| heb gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| hebben gedemoniseerd |
actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
|
| hebben gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| hebben gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| hebben gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| hebt gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| heeft gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| heeft gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| is gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| is gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| te demoniseren |
actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| te hebben gedemoniseerd |
actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| te zullen demoniseren |
actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| waart gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| waren gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| waren gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| waren gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| was gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| was gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| was gedemoniseerd |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| werd gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| werd gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
|
| werd gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| werden gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
|
| werden gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
|
| werden gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| werdt gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| word gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| worden gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
|
| worden gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
|
| worden gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| wordt gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
|
| wordt gedemoniseerd |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| zal demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
|
| zal demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
|
| zal demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
|
| zal gedemoniseerd hebben |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zal gedemoniseerd hebben |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zal gedemoniseerd hebben |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zal gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zal gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
|
| zal gedemoniseerd zijn |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zal gedemoniseerd zijn |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zijn gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| zijn gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| zijn gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| zijt gedemoniseerd |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| zou demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
|
| zou demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
|
| zou demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
|
| zou gedemoniseerd hebben |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zou gedemoniseerd hebben |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zou gedemoniseerd hebben |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zou gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zou gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
|
| zou gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zou gedemoniseerd zijn |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zou gedemoniseerd zijn |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zou gedemoniseerd zijn |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zouden demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
|
| zouden demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
|
| zouden demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
|
| zouden gedemoniseerd hebben |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zouden gedemoniseerd hebben |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zouden gedemoniseerd hebben |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zouden gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
|
| zouden gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
|
| zouden gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zouden gedemoniseerd zijn |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zouden gedemoniseerd zijn |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zouden gedemoniseerd zijn |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zoudt demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
|
| zoudt gedemoniseerd hebben |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zoudt gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zoudt gedemoniseerd zijn |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zullen demoniseren |
actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| zullen demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
|
| zullen demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
|
| zullen demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
|
| zullen gedemoniseerd hebben |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zullen gedemoniseerd hebben |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zullen gedemoniseerd hebben |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zullen gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
|
| zullen gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
|
| zullen gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zullen gedemoniseerd zijn |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zullen gedemoniseerd zijn |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zullen gedemoniseerd zijn |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zult demoniseren |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
|
| zult gedemoniseerd hebben |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zult gedemoniseerd worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zult gedemoniseerd zijn |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|