Naar de inhoud

coifferen

haar kappen, opkammen

coifferen

werkwoord

Betekenis

  1. haar kappen, opkammen
  2. vleien

Vervoeging van coifferen

coifferenhele werkwoord — coiffeerdeverleden tijd enkelvoud — coiffeerdenverleden tijd meervoud — gecoiffeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik coiffeer coiffeerde
jij coiffeert coiffeerde
hij, zij, het coiffeert coiffeerde
wij coifferen coiffeerden
jullie coifferen coiffeerden
zij coifferen coiffeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
coiffeer gebiedende wijs
coiffeerde verleden tijd
coiffere aanvoegende wijs
coifferend onvoltooid, deelwoord
er is gecoiffeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gecoiffeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gecoiffeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gecoiffeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gecoiffeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gecoiffeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gecoiffeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gecoiffeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gecoiffeerd verleden tijd, deelwoord
gecoiffeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gecoiffeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gecoiffeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecoiffeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecoiffeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecoiffeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gecoiffeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gecoiffeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gecoiffeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gecoiffeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecoiffeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te coifferen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gecoiffeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen coifferen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gecoiffeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gecoiffeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal coifferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal coifferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal coifferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gecoiffeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecoiffeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gecoiffeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gecoiffeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecoiffeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gecoiffeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou coifferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou coifferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou coifferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gecoiffeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecoiffeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecoiffeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecoiffeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecoiffeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecoiffeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden coifferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden coifferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden coifferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gecoiffeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gecoiffeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gecoiffeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gecoiffeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gecoiffeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gecoiffeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt coifferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gecoiffeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gecoiffeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen coifferen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen coifferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen coifferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen coifferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gecoiffeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gecoiffeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gecoiffeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gecoiffeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gecoiffeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gecoiffeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult coifferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gecoiffeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gecoiffeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gecoiffeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘vleien, opkammen’ voor het eerst aangetroffen in 1780

Woordfamilie van coifferen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
coiffeer gebiedende wijs coifferen
coiffeerde verleden tijd coifferen
coiffeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon coifferen
coiffeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon coifferen
coiffere aanvoegende wijs coifferen
coifferend onvoltooid deelwoord coifferen
coifferende woordvorm coifferen
gecoiffeerd voltooid deelwoord coifferen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van coifferen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over coifferen

Wat betekent coifferen?
Coifferen is een werkwoord. Het woord betekent: haar kappen, opkammen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je coifferen?
Je vervoegt coifferen als volgt: de tegenwoordige tijd is coiffeer, de verleden tijd is coiffeerde en het voltooid deelwoord is gecoiffeerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord coifferen is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. C 5
  2. O 1
  3. I 1
  4. F 4
  5. F 4
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

coifferen levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. C 5
  2. O 1
  3. I 2
  4. F 4
  5. F 4
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 zonder bonus
  11. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

coifferen in het kort

coifferen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van coifferen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort coifferen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

coifferen: haar kappen, opkammen
Deel coifferen — standaardnederlands.nl