catalogiseren
werkwoordBetekenis
- in een register onderbrengen
Vervoeging van catalogiseren
catalogiserenhele werkwoord — catalogiseerdeverleden tijd enkelvoud — catalogiseerdenverleden tijd meervoud — gecatalogiseerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | catalogiseer | catalogiseerde |
| jij | catalogiseert | catalogiseerde |
| hij, zij, het | catalogiseert | catalogiseerde |
| wij | catalogiseren | catalogiseerden |
| jullie | catalogiseren | catalogiseerden |
| zij | catalogiseren | catalogiseerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| catalogiseer | gebiedende wijs |
| catalogiseerde | verleden tijd |
| catalogisere | aanvoegende wijs |
| catalogiserend | onvoltooid, deelwoord |
| er is gecatalogiseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gecatalogiseerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gecatalogiseerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gecatalogiseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gecatalogiseerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gecatalogiseerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gecatalogiseerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gecatalogiseerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gecatalogiseerd | verleden tijd, deelwoord |
| gecatalogiseerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gecatalogiseerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gecatalogiseerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gecatalogiseerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gecatalogiseerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gecatalogiseerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gecatalogiseerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gecatalogiseerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gecatalogiseerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gecatalogiseerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gecatalogiseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te catalogiseren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gecatalogiseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen catalogiseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gecatalogiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gecatalogiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gecatalogiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gecatalogiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gecatalogiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gecatalogiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gecatalogiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gecatalogiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gecatalogiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gecatalogiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gecatalogiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gecatalogiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gecatalogiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gecatalogiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gecatalogiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gecatalogiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gecatalogiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gecatalogiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gecatalogiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gecatalogiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gecatalogiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gecatalogiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen catalogiseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gecatalogiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gecatalogiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gecatalogiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gecatalogiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gecatalogiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gecatalogiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult catalogiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gecatalogiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gecatalogiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gecatalogiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse cataloguer (met het achtervoegsel -iseren)
Woordfamilie van catalogiseren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| catalogiseer | gebiedende wijs | catalogiseren |
| catalogiseerde | verleden tijd | catalogiseren |
| catalogiseerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | catalogiseren |
| catalogiseert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | catalogiseren |
| catalogisere | aanvoegende wijs | catalogiseren |
| catalogiserend | onvoltooid deelwoord | catalogiseren |
| catalogiserende | woordvorm | catalogiseren |
| gecatalogiseerd | voltooid deelwoord | catalogiseren |
| gecatalogiseerde | woordvorm | catalogiseren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van catalogiseren zijn vastgelegd.