Naar de inhoud

catalogiseren

in een register onderbrengen

catalogiseren

werkwoord

Betekenis

  1. in een register onderbrengen

Vervoeging van catalogiseren

catalogiserenhele werkwoord — catalogiseerdeverleden tijd enkelvoud — catalogiseerdenverleden tijd meervoud — gecatalogiseerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik catalogiseer catalogiseerde
jij catalogiseert catalogiseerde
hij, zij, het catalogiseert catalogiseerde
wij catalogiseren catalogiseerden
jullie catalogiseren catalogiseerden
zij catalogiseren catalogiseerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
catalogiseer gebiedende wijs
catalogiseerde verleden tijd
catalogisere aanvoegende wijs
catalogiserend onvoltooid, deelwoord
er is gecatalogiseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gecatalogiseerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gecatalogiseerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gecatalogiseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gecatalogiseerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gecatalogiseerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gecatalogiseerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gecatalogiseerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gecatalogiseerd verleden tijd, deelwoord
gecatalogiseerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gecatalogiseerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gecatalogiseerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecatalogiseerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecatalogiseerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecatalogiseerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gecatalogiseerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gecatalogiseerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gecatalogiseerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gecatalogiseerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecatalogiseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te catalogiseren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gecatalogiseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen catalogiseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gecatalogiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gecatalogiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gecatalogiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecatalogiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gecatalogiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gecatalogiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecatalogiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gecatalogiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gecatalogiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecatalogiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecatalogiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecatalogiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecatalogiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecatalogiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gecatalogiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gecatalogiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gecatalogiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gecatalogiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gecatalogiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gecatalogiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gecatalogiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gecatalogiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen catalogiseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gecatalogiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gecatalogiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gecatalogiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gecatalogiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gecatalogiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gecatalogiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult catalogiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gecatalogiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gecatalogiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gecatalogiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse cataloguer (met het achtervoegsel -iseren)

Woordfamilie van catalogiseren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
catalogiseer gebiedende wijs catalogiseren
catalogiseerde verleden tijd catalogiseren
catalogiseerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon catalogiseren
catalogiseert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon catalogiseren
catalogisere aanvoegende wijs catalogiseren
catalogiserend onvoltooid deelwoord catalogiseren
catalogiserende woordvorm catalogiseren
gecatalogiseerd voltooid deelwoord catalogiseren
gecatalogiseerde woordvorm catalogiseren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van catalogiseren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over catalogiseren

Wat is de betekenis van catalogiseren?
Catalogiseren is een werkwoord. De betekenis is: in een register onderbrengen.
Hoe vervoeg ik catalogiseren?
Zo vervoeg je catalogiseren zo: de tegenwoordige tijd is catalogiseer, de verleden tijd is catalogiseerde en het voltooid deelwoord is gecatalogiseerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord catalogiseren is 24 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. C 5
  2. A 1
  3. T 2
  4. A 1
  5. L 3
  6. O 1
  7. G 3
  8. I 1
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 24 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

catalogiseren levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 105 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. C 5
  2. A 1
  3. T 2
  4. A 1
  5. L 3
  6. O 1
  7. G 3
  8. I 2
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 25 zonder bonus
  15. 105 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

catalogiseren in het kort

catalogiseren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van catalogiseren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort catalogiseren bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

catalogiseren: in een register onderbrengen
Deel catalogiseren — standaardnederlands.nl