Naar de inhoud

carbureren

verbinden met koolwaterstoffen

carbureren

werkwoord

Betekenis

  1. verbinden met koolwaterstoffen
  2. vermengen van brandstof met lucht

Vervoeging van carbureren

carburerenhele werkwoord — carbureerdeverleden tijd enkelvoud — carbureerdenverleden tijd meervoud — gecarbureerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik carbureer carbureerde
jij carbureert carbureerde
hij, zij, het carbureert carbureerde
wij carbureren carbureerden
jullie carbureren carbureerden
zij carbureren carbureerden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
carbureer gebiedende wijs
carbureerde verleden tijd
carburere aanvoegende wijs
carburerend onvoltooid, deelwoord
ev. gebiedende wijs
gecarbureerd verleden tijd, deelwoord
gecarbureerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecarbureerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gecarbureerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gecarbureerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gecarbureerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gecarbureerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gecarbureerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gecarbureerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gecarbureerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gecarbureerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecarbureerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gecarbureerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecarbureerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gecarbureerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gecarbureerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecarbureerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecarbureerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te carbureren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gecarbureerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen carbureren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal carbureren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal carbureren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal carbureren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gecarbureerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecarbureerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gecarbureerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou carbureren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou carbureren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou carbureren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gecarbureerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecarbureerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecarbureerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden carbureren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden carbureren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden carbureren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gecarbureerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gecarbureerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gecarbureerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt carbureren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gecarbureerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen carbureren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen carbureren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen carbureren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen carbureren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gecarbureerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gecarbureerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gecarbureerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult carbureren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gecarbureerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Naamwoord van handeling van het Franse carburer (met het achtervoegsel -eren)

Woordfamilie van carbureren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
carbureer gebiedende wijs carbureren
carbureerde verleden tijd carbureren
carbureerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon carbureren
carbureert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon carbureren
carburere aanvoegende wijs carbureren
carburerend onvoltooid deelwoord carbureren
carburerende woordvorm carbureren
gecarbureerd voltooid deelwoord carbureren
gecarbureerde woordvorm carbureren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van carbureren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over carbureren

Wat betekent carbureren?
Carbureren is een werkwoord. Het woord betekent: verbinden met koolwaterstoffen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je carbureren?
Je vervoegt carbureren als volgt: de tegenwoordige tijd is carbureer, de verleden tijd is carbureerde en het voltooid deelwoord is gecarbureerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord carbureren is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. C 5
  2. A 1
  3. R 2
  4. B 3
  5. U 4
  6. R 2
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

carbureren levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. C 5
  2. A 1
  3. R 2
  4. B 4
  5. U 2
  6. R 2
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 21 zonder bonus
  12. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

carbureren in het kort

carbureren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van carbureren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort carbureren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

carbureren: verbinden met koolwaterstoffen
Deel carbureren — standaardnederlands.nl