camelia
zelfstandig naamwoord kaˈmelijaBetekenis
- een geslacht van bedektzadigen in de familie Theaceae met donkergroene, leerachtige bladeren en grote, meestal gevulde bloemen ook gebruikt als kamerplant
Hoe spreek je camelia uit?
/kaˈmelija/
Camelia bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| a | maan |
| m | maan |
| e | veel |
| l | land |
| i | riet |
| j | ja |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- benaming voor planten uit het geslacht Camellia, bedektzadigen in de familie Theaceae met donkergroene, leerachtige bladeren en grote, meestal gevulde bloemen ook gebruikt als kamerplant Naargelang de gevolgde taxonomie omvat het geslacht zo'n 100 tot 250 soorten, voorkomend in oostelijk en zuidelijk Azië, van de Himalaya tot in Japan en Indonesië.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| camelia's | meervoud |
| cameliaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| cameliaatjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
van modern Latijn Camellia, eponiem: Carl Linnaeus vernoemde het geslacht naar de 17e-eeuwse Tsjechische jezuïet en botanicus G.J. Kamel ; in de betekenis van ‘kamerplant’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Woordfamilie van camelia
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| camelia's | meervoud | camelia |
| cameliaatje | verkleinwoord | camelia |
| cameliaatjes | verkleinwoord meervoud | camelia |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van camelia zijn vastgelegd.