Naar de inhoud

binnenhalen

vis of netten binnenboord brengen

binnenhalen

werkwoord

Betekenis

  1. vis of netten binnenboord brengen
  2. iets binnen het huis brengen
  3. Geld inzamelen of verdienen
  4. iets of iemand verwerven voor een bedrijf

werkwoord

  1. iets binnen het huis of andere overdekte ruimte brengen transitive

Vervoeging van binnenhalen

binnenhalenhele werkwoord — haalde binnenverleden tijd enkelvoud — haalden binnenverleden tijd meervoud — binnengehaaldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik haal binnen haalde binnen
jij haalt binnen haalde binnen
hij, zij, het haalt binnen haalde binnen
wij halen binnen haalden binnen
jullie halen binnen haalden binnen
zij halen binnen haalden binnen
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
binnen te halen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
binnen te zullen halen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnen zal halen bijzin, toekomende tijd
binnen zou halen bijzin, voorwaardelijk
binnen zouden halen bijzin, voorwaardelijk
binnen zoudt halen bijzin, voorwaardelijk
binnen zullen halen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnen zullen halen bijzin, toekomende tijd
binnen zult halen bijzin, toekomende tijd
binnengehaald verleden tijd, deelwoord
binnengehaald te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
binnengehaald te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
binnengehaald te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnengehaald te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnengehaald te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnengehaald worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
binnengehaald zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
binnengehaald zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnengehaald zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnengehaald zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnenhaal bijzin, tegenwoordige tijd
binnenhaalde bijzin, verleden tijd
binnenhaalden bijzin, verleden tijd
binnenhaalt bijzin, tegenwoordige tijd
binnenhalend onvoltooid, deelwoord
er is binnengehaald impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was binnengehaald impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd binnengehaald impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt binnengehaald impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal binnengehaald worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal binnengehaald zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou binnengehaald worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou binnengehaald zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
haal binnen gebiedende wijs
haalde binnen verleden tijd
had binnengehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had binnengehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had binnengehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden binnengehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden binnengehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden binnengehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt binnengehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben binnengehaald actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben binnengehaald actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen binnenhalen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart binnengehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren binnengehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren binnengehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren binnengehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
was binnengehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was binnengehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was binnengehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt binnengehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal binnengehaald hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal binnengehaald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal binnengehaald hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal binnengehaald zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal binnengehaald zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal binnenhalen bijzin, toekomende tijd
zijn binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt binnengehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou binnengehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou binnengehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou binnengehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou binnengehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou binnengehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou binnengehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou binnenhalen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) binnenhalen binnen zou(dt) halen bijzin, voorwaardelijk
zouden binnengehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden binnengehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden binnengehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden binnengehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden binnengehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden binnengehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden binnenhalen bijzin, voorwaardelijk
zoudt binnengehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt binnengehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt binnenhalen bijzin, voorwaardelijk
zullen binnengehaald hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen binnengehaald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen binnengehaald hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen binnengehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen binnengehaald zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen binnengehaald zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen binnengehaald zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen binnenhalen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen binnenhalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen binnenhalen bijzin, toekomende tijd
zult binnengehaald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van binnen en halen

Woordfamilie van binnenhalen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
binnengehaald voltooid deelwoord binnenhalen
binnengehaalde woordvorm binnenhalen
binnenhaal subordinate-clause, tegenwoordige tijd binnenhalen
binnenhaalde subordinate-clause, verleden tijd binnenhalen
binnenhaalden subordinate-clause, verleden tijd binnenhalen
binnenhaalt subordinate-clause, tegenwoordige tijd binnenhalen
binnenhale with-subordinate-clause binnenhalen
binnenhalend onvoltooid deelwoord binnenhalen
binnenhalende woordvorm binnenhalen
haal binnen gebiedende wijs binnenhalen
haalde binnen verleden tijd binnenhalen
haalden binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon binnenhalen
haalt binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon binnenhalen
hale binnen woordvorm binnenhalen
halen binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon binnenhalen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van binnenhalen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over binnenhalen

Wat is de betekenis van binnenhalen?
Binnenhalen is een werkwoord. De betekenis is: vis of netten binnenboord brengen. In totaal staan er 5 betekenissen.
Hoe vervoeg ik binnenhalen?
Zo vervoeg je binnenhalen zo: het voltooid deelwoord is binnengehaald. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord binnenhalen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. I 1
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. H 4
  8. A 1
  9. L 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

binnenhalen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. I 2
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. H 4
  8. A 1
  9. L 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 20 zonder bonus
  13. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

binnenhalen in het kort

binnenhalen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 5 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van binnenhalen staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort binnenhalen bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

binnenhalen: vis of netten binnenboord brengen
Deel binnenhalen — standaardnederlands.nl