beun
zelfstandig naamwoord, werkwoord bønBetekenis
- verhoogde vloer van planken
- vloer net onder het dank van een gebouw
- afgezonderde ruimte waar het water kan in- en uitstromen, gebruikt om gevangen vis levend te bewaren Dit kan een ruimte onderin in een vissersboot zijn of een losse drijvende bak.
- ruim om bagger, zand of stenen in te vervoeren
Hoe spreek je beun uit?
/bøn/
Beun bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ø | deur |
| n | nek |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- afgezonderde ruimte waar het water kan in- en uitstromen, gebruikt om gevangen vis levend te bewaren Dit kan een ruimte onderin in een vissersboot zijn of een losse drijvende bak.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beunen
- gebiedende wijs van beunen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beunen
Vervoeging van beun
beunhele werkwoord
Herkomst
zn: van Middelnederlands boene "zolder", in de betekenis van ‘viskaar’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1580