Naar de inhoud

bespoedigen

een proces of ontwikkeling versnellen, sneller tot het eind brengen

bespoedigen

werkwoord

Betekenis

  1. een proces of ontwikkeling versnellen, sneller tot het eind brengen

Vervoeging van bespoedigen

bespoedigenhele werkwoord — bespoedigdeverleden tijd enkelvoud — bespoedigdenverleden tijd meervoud — bespoedigdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bespoedig bespoedigde
jij bespoedigt bespoedigde
hij, zij, het bespoedigt bespoedigde
wij bespoedigen bespoedigden
jullie bespoedigen bespoedigden
zij bespoedigen bespoedigden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
bespoedig gebiedende wijs
bespoedigd verleden tijd, deelwoord
bespoedigd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bespoedigd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bespoedigd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bespoedigd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bespoedigd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bespoedigd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bespoedigd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bespoedigd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bespoedigd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bespoedigd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bespoedigde verleden tijd
bespoedige aanvoegende wijs
bespoedigend onvoltooid, deelwoord
er is bespoedigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was bespoedigd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd bespoedigd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt bespoedigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal bespoedigd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal bespoedigd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou bespoedigd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou bespoedigd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had bespoedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bespoedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bespoedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bespoedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bespoedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bespoedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bespoedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bespoedigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bespoedigen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben bespoedigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bespoedigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart bespoedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bespoedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren bespoedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bespoedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was bespoedigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was bespoedigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was bespoedigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt bespoedigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bespoedigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bespoedigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bespoedigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal bespoedigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bespoedigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt bespoedigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bespoedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bespoedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bespoedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bespoedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bespoedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bespoedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden bespoedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bespoedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bespoedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bespoedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bespoedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bespoedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt bespoedigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bespoedigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen bespoedigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bespoedigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bespoedigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bespoedigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bespoedigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bespoedigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bespoedigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult bespoedigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bespoedigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bespoedigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bespoedigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van spoed of spoedig met het voorvoegsel be- met het achtervoegsel -en.

Woordfamilie van bespoedigen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bespoedig gebiedende wijs bespoedigen
bespoedigd voltooid deelwoord bespoedigen
bespoedigde verleden tijd bespoedigen
bespoedigden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bespoedigen
bespoedige aanvoegende wijs bespoedigen
bespoedigend onvoltooid deelwoord bespoedigen
bespoedigende woordvorm bespoedigen
bespoedigt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bespoedigen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bespoedigen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bespoedigen

Wat betekent bespoedigen?
Bespoedigen is een werkwoord. Het woord betekent: een proces of ontwikkeling versnellen, sneller tot het eind brengen.
Hoe vervoeg je bespoedigen?
Je vervoegt bespoedigen als volgt: de tegenwoordige tijd is bespoedig, de verleden tijd is bespoedigde en het voltooid deelwoord is bespoedigd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bespoedigen is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. S 2
  4. P 3
  5. O 1
  6. E 1
  7. D 2
  8. I 1
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bespoedigen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. S 2
  4. P 4
  5. O 1
  6. E 1
  7. D 2
  8. I 2
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 22 zonder bonus
  13. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bespoedigen in het kort

bespoedigen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van bespoedigen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort bespoedigen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

bespoedigen: een proces of ontwikkeling versnellen, sneller tot het eind brengen
Deel bespoedigen — standaardnederlands.nl