Naar de inhoud

bekogelen

iemand aan het gooien met projectielen blootstellen

bekogelen

werkwoord

Betekenis

  1. iemand aan het gooien met projectielen blootstellen
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van bekogelen

bekogelenhele werkwoord — bekogeldeverleden tijd enkelvoud — bekogeldenverleden tijd meervoud — bekogeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bekogel bekogelde
jij bekogelt bekogelde
hij, zij, het bekogelt bekogelde
wij bekogelen bekogelden
jullie bekogelen bekogelden
zij bekogelen bekogelden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
bekogel gebiedende wijs
bekogeld verleden tijd, deelwoord
bekogeld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bekogeld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bekogeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bekogeld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bekogeld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bekogeld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bekogeld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bekogeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bekogeld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bekogeld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bekogelde verleden tijd
bekogele aanvoegende wijs
bekogelend onvoltooid, deelwoord
ben bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is bekogeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was bekogeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd bekogeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt bekogeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal bekogeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal bekogeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou bekogeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou bekogeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had bekogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bekogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bekogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bekogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bekogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bekogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bekogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bekogeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bekogelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben bekogeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bekogelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart bekogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bekogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren bekogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bekogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was bekogeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was bekogeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was bekogeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd bekogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd bekogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd bekogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden bekogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden bekogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden bekogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt bekogeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word bekogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden bekogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden bekogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden bekogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt bekogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt bekogeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bekogeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bekogeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bekogeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal bekogeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bekogeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt bekogeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bekogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bekogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bekogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bekogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bekogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bekogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden bekogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bekogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bekogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bekogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bekogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bekogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt bekogeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bekogeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen bekogeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bekogeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bekogeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bekogeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bekogeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bekogeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bekogelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult bekogeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bekogeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bekogeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bekogelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van kogel met het voorvoegsel be- met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van bekogelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bekogel gebiedende wijs bekogelen
bekogeld voltooid deelwoord bekogelen
bekogelde verleden tijd bekogelen
bekogelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bekogelen
bekogele aanvoegende wijs bekogelen
bekogelend onvoltooid deelwoord bekogelen
bekogelende woordvorm bekogelen
bekogelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bekogelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bekogelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bekogelen

Wat is de betekenis van bekogelen?
Bekogelen is een werkwoord. De betekenis is: iemand aan het gooien met projectielen blootstellen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik bekogelen?
Zo vervoeg je bekogelen zo: de tegenwoordige tijd is bekogel, de verleden tijd is bekogelde en het voltooid deelwoord is bekogeld. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bekogelen is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. K 3
  4. O 1
  5. G 3
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bekogelen levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. K 3
  4. O 1
  5. G 3
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 zonder bonus
  11. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bekogelen in het kort

bekogelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van bekogelen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort bekogelen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

bekogelen: iemand aan het gooien met projectielen blootstellen
Deel bekogelen — standaardnederlands.nl