Naar de inhoud

begunstigen

iemand al dan niet financieel voordeel schenken

begunstigen

werkwoord

Betekenis

  1. iemand al dan niet financieel voordeel schenken

Vervoeging van begunstigen

begunstigenhele werkwoord — begunstigdeverleden tijd enkelvoud — begunstigdenverleden tijd meervoud — begunstigdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik begunstig begunstigde
jij begunstigt begunstigde
hij, zij, het begunstigt begunstigde
wij begunstigen begunstigden
jullie begunstigen begunstigden
zij begunstigen begunstigden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
begunstig gebiedende wijs
begunstigd verleden tijd, deelwoord
begunstigd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
begunstigd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
begunstigd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
begunstigd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
begunstigd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
begunstigd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
begunstigd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
begunstigd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
begunstigd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
begunstigd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
begunstigde verleden tijd
begunstige aanvoegende wijs
begunstigend onvoltooid, deelwoord
ben begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is begunstigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was begunstigd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd begunstigd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt begunstigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal begunstigd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal begunstigd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou begunstigd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou begunstigd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had begunstigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had begunstigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had begunstigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden begunstigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden begunstigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden begunstigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt begunstigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben begunstigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te begunstigen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben begunstigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen begunstigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart begunstigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren begunstigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren begunstigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren begunstigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was begunstigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was begunstigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was begunstigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd begunstigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd begunstigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd begunstigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden begunstigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden begunstigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden begunstigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt begunstigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word begunstigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden begunstigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden begunstigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden begunstigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt begunstigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt begunstigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal begunstigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal begunstigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal begunstigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal begunstigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal begunstigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt begunstigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou begunstigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou begunstigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou begunstigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou begunstigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou begunstigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou begunstigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden begunstigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden begunstigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden begunstigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden begunstigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden begunstigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden begunstigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt begunstigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt begunstigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen begunstigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen begunstigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen begunstigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen begunstigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen begunstigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen begunstigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen begunstigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult begunstigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult begunstigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult begunstigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult begunstigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van gunst met het voorvoegsel be- met het achtervoegsel -ig

Woordfamilie van begunstigen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
begunstig gebiedende wijs begunstigen
begunstigd voltooid deelwoord begunstigen
begunstige aanvoegende wijs begunstigen
begunstigend onvoltooid deelwoord begunstigen
begunstigende woordvorm begunstigen
begunstigt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon begunstigen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van begunstigen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over begunstigen

Wat betekent begunstigen?
Begunstigen is een werkwoord. Het woord betekent: iemand al dan niet financieel voordeel schenken.
Hoe vervoeg je begunstigen?
Je vervoegt begunstigen als volgt: de tegenwoordige tijd is begunstig, de verleden tijd is begunstigde en het voltooid deelwoord is begunstigd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord begunstigen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. G 3
  4. U 4
  5. N 1
  6. S 2
  7. T 2
  8. I 1
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

begunstigen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. G 3
  4. U 2
  5. N 1
  6. S 2
  7. T 2
  8. I 2
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 22 zonder bonus
  13. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

begunstigen in het kort

begunstigen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van begunstigen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort begunstigen bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

begunstigen: iemand al dan niet financieel voordeel schenken
Deel begunstigen — standaardnederlands.nl