babylance
zelfstandig naamwoord ˈbebiˌlɑ̃s(ə)Betekenis
- ziekenwagen die speciaal bestemd is voor pasgeboren kinderen
Hoe spreek je babylance uit?
/ˈbebiˌlɑsə/
Babylance bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| e | veel |
| i | riet |
| l | land |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| babylanceje | verkleinwoord, enkelvoud |
| babylancejes | verkleinwoord, meervoud |
| babylancen | meervoud |
| babylances | meervoud |
Herkomst
versmelting van baby met ambulance, in de betekenis "ziekenwagen voor pasgeboren kinderen" aangetroffen vanaf 1977 (zie vindplaats hieronder) Deze vorm van ziekenvervoer werd voor het eerst in 1976 in Amsterdam ingevoerd. Aangezien er in het Engels geen vindplaatsen voor het woord zijn, lijkt de ontlening aan die taal in het Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten een misvatting.
Woordfamilie van babylance
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| babylanceje | verkleinwoord | babylance |
| babylancejes | verkleinwoord meervoud | babylance |
| babylancen | meervoud | babylance |
| babylances | meervoud | babylance |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van babylance zijn vastgelegd.