ankerboei
zelfstandig naamwoord ˈɑŋkərbujBetekenis
- drijver die de plaats aanwijst, waar een anker ligt zodat andere schepen daar bij het ankeren rekening mee kunnen houden (niet over de ankerketting heen ankeren)
Hoe spreek je ankerboei uit?
/ˈɑŋkərbuj/
Ankerboei bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| k | kat |
| ə | de |
| r | rood |
| b | bak |
| u | boek |
| j | ja |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ankerboeien | meervoud |
Herkomst
samenstelling van anker en boei
Woordfamilie van ankerboei
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ankerboeien | meervoud | ankerboei |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ankerboei zijn vastgelegd.