Naar de inhoud

alterneren

elkaar afwisselen

alterneren

werkwoord

Betekenis

  1. elkaar afwisselen

werkwoord

  1. min of meer regelmatig afwisselen intransitive
  2. aan wisselbouw doen intransitive

Vervoeging van alterneren

alternerenhele werkwoord — alterneerdeverleden tijd enkelvoud — alterneerdenverleden tijd meervoud — gealterneerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik alterneer alterneerde
jij alterneert alterneerde
hij, zij, het alterneert alterneerde
wij alterneren alterneerden
jullie alterneren alterneerden
zij alterneren alterneerden
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
alterneer gebiedende wijs
alterneerde verleden tijd
alternere aanvoegende wijs
alternerend onvoltooid, deelwoord
er is gealterneerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gealterneerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gealterneerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gealterneerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gealterneerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gealterneerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gealterneerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gealterneerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gealterneerd verleden tijd, deelwoord
gealterneerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gealterneerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gealterneerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gealterneerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gealterneerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gealterneerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gealterneerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gealterneerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gealterneerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gealterneerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gealterneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gealterneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gealterneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gealterneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gealterneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gealterneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gealterneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gealterneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te alterneren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gealterneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen alterneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren gealterneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gealterneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gealterneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden gealterneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden gealterneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gealterneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal alterneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal alterneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal alterneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gealterneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gealterneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gealterneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gealterneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gealterneerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gealterneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou alterneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou alterneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou alterneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gealterneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gealterneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gealterneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gealterneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gealterneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden alterneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden alterneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden alterneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gealterneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gealterneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gealterneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gealterneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gealterneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt alterneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gealterneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen alterneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen alterneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen alterneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen alterneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gealterneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gealterneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gealterneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gealterneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gealterneerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult alterneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gealterneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘afwisselen’ voor het eerst aangetroffen in 1553

Woordfamilie van alterneren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
alterneer gebiedende wijs alterneren
alterneerde verleden tijd alterneren
alterneerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon alterneren
alterneert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon alterneren
alternere aanvoegende wijs alterneren
alternerend onvoltooid deelwoord alterneren
alternerende woordvorm alterneren
gealterneerd voltooid deelwoord alterneren
gealterneerde woordvorm alterneren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van alterneren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over alterneren

Wat betekent alterneren?
Alterneren is een werkwoord. Het woord betekent: elkaar afwisselen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je alterneren?
Je vervoegt alterneren als volgt: de tegenwoordige tijd is alterneer, de verleden tijd is alterneerde en het voltooid deelwoord is gealterneerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord alterneren is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. L 3
  3. T 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. N 1
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

alterneren levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 63 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. L 3
  3. T 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. N 1
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 15 zonder bonus
  12. 63 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

alterneren in het kort

alterneren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van alterneren zijn 65 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort alterneren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

alterneren: elkaar afwisselen
Deel alterneren — standaardnederlands.nl