aflegging
zelfstandig naamwoord ˈɑflɛɣɪŋBetekenis
- het afstand doen van iets
- het geven van iets
Hoe spreek je aflegging uit?
/ˈɑflɛxɪŋ/
Aflegging bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| f | fiets |
| l | land |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| afleggingen | meervoud |
| aflegginkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| aflegginkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van afleggen met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van aflegging
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| afleggingen | meervoud | aflegging |
| aflegginkje | verkleinwoord | aflegging |
| aflegginkjes | verkleinwoord meervoud | aflegging |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aflegging zijn vastgelegd.