Naar de inhoud

afkomen

op iemand ~: iemand -soms dreigend- benaderen

afkomen

werkwoord

Betekenis

  1. op iemand ~: iemand -soms dreigend- benaderen
  2. ~ van: van een probleem bevrijd worden, kwijtraken
  3. ~ van: zijn oorsprong vinden, afstammen
  4. toegewezen of betaald worden
  5. naar beneden komen, weg komen, langs komen
  6. officieel bekend gemaakt worden
  7. op bezoek komen, langskomen

Vervoeging van afkomen

afkomenhele werkwoord — kwam afverleden tijd enkelvoud — kwamen afverleden tijd meervoud — afgekomenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kom af kwam af
jij komt af kwaamt af
hij, zij, het komt af kwam af
wij komen af kwamen af
jullie komen af kwamen af
zij komen af kwamen af
Alle 76 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
af te komen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
af te zullen komen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
af zal komen bijzin, toekomende tijd
af zou komen bijzin, voorwaardelijk
af zouden komen bijzin, voorwaardelijk
af zoudt komen bijzin, voorwaardelijk
af zullen komen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
af zullen komen bijzin, toekomende tijd
af zult komen bijzin, toekomende tijd
afgekomen verleden tijd, deelwoord
afgekomen te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
afgekomen zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
afkom bijzin, tegenwoordige tijd
afkomend onvoltooid, deelwoord
afkomt bijzin, tegenwoordige tijd
afkwaamt bijzin, verleden tijd
afkwam bijzin, verleden tijd
afkwamen bijzin, verleden tijd
ben afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
ev. gebiedende wijs
is afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kom af gebiedende wijs
kwam af verleden tijd
te zijn afgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen afkomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart afgekomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren afgekomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren afgekomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren afgekomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was afgekomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was afgekomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was afgekomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal afgekomen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal afgekomen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal afgekomen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal afkomen bijzin, toekomende tijd
zijn afgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt afgekomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou afgekomen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou afgekomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou afgekomen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou afkomen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) afkomen af zou(dt) komen bijzin, voorwaardelijk
zouden afgekomen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden afgekomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden afgekomen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden afkomen bijzin, voorwaardelijk
zoudt afgekomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt afkomen bijzin, voorwaardelijk
zullen afgekomen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen afgekomen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen afgekomen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen afkomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen afkomen bijzin, toekomende tijd
zult afgekomen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult afkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult afkomen bijzin, toekomende tijd
zult/zal afkomen af zult/zal komen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van af bw en komen ww

Woordfamilie van afkomen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
afgekomen voltooid deelwoord afkomen
afkom subordinate-clause, tegenwoordige tijd afkomen
afkome with-subordinate-clause afkomen
afkomend onvoltooid deelwoord afkomen
afkomende woordvorm afkomen
afkomt subordinate-clause, tegenwoordige tijd afkomen
afkwam subordinate-clause, verleden tijd afkomen
afkwamen subordinate-clause, verleden tijd afkomen
kom af gebiedende wijs afkomen
kome af woordvorm afkomen
komen af aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon afkomen
komt af aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon afkomen
kwam af verleden tijd afkomen
kwamen af aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon afkomen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van afkomen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over afkomen

Wat betekent afkomen?
Afkomen is een werkwoord. Het woord betekent: op iemand ~: iemand -soms dreigend- benaderen. Deze pagina beschrijft 7 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je afkomen?
Je vervoegt afkomen als volgt: het voltooid deelwoord is afgekomen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord afkomen is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. F 4
  3. K 3
  4. O 1
  5. M 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

afkomen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. F 4
  3. K 3
  4. O 1
  5. M 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

afkomen telt 7 letters, waarvan 7 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

afkomen in het kort

afkomen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 7 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van afkomen zijn 48 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort afkomen bij een woordfamilie van 14 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

afkomen: op iemand ~: iemand -soms dreigend- benaderen
Deel afkomen — standaardnederlands.nl