Naar de inhoud

achterstellen

iets of iemand te laag waarderen, of in een ongunstige positie plaatsen

achterstellen is meer dan één woord

achterstellen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. iets of iemand te laag waarderen, of in een ongunstige positie plaatsen

Vervoeging van achterstellen

achterstellenhele werkwoord — stelde achterverleden tijd enkelvoud — stelden achterverleden tijd meervoud — achtergesteldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik stel achter stelde achter
jij stelt achter stelde achter
hij, zij, het stelt achter stelde achter
wij stellen achter stelden achter
jullie stellen achter stelden achter
zij stellen achter stelden achter
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
achter te stellen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
achter te zullen stellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
achter zal stellen bijzin, toekomende tijd
achter zou stellen bijzin, voorwaardelijk
achter zouden stellen bijzin, voorwaardelijk
achter zoudt stellen bijzin, voorwaardelijk
achter zullen stellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
achter zullen stellen bijzin, toekomende tijd
achter zult stellen bijzin, toekomende tijd
achtergesteld verleden tijd, deelwoord
achtergesteld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
achtergesteld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
achtergesteld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
achtergesteld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
achtergesteld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
achtergesteld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
achtergesteld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
achtergesteld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
achtergesteld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
achtergesteld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
achterstel bijzin, tegenwoordige tijd
achterstelde bijzin, verleden tijd
achterstelden bijzin, verleden tijd
achterstellend onvoltooid, deelwoord
achterstelt bijzin, tegenwoordige tijd
ben achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is achtergesteld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was achtergesteld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd achtergesteld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt achtergesteld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal achtergesteld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal achtergesteld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou achtergesteld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou achtergesteld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had achtergesteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had achtergesteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had achtergesteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden achtergesteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden achtergesteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden achtergesteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt achtergesteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben achtergesteld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
stel achter gebiedende wijs
stelde achter verleden tijd
te hebben achtergesteld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen achterstellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart achtergesteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren achtergesteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren achtergesteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren achtergesteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was achtergesteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was achtergesteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was achtergesteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt achtergesteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal achtergesteld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal achtergesteld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal achtergesteld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal achtergesteld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal achtergesteld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal achterstellen bijzin, toekomende tijd
zijn achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt achtergesteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou achtergesteld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou achtergesteld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou achtergesteld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou achtergesteld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou achtergesteld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou achtergesteld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou achterstellen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) achterstellen achter zou(dt) stellen bijzin, voorwaardelijk
zouden achtergesteld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden achtergesteld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden achtergesteld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden achtergesteld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden achtergesteld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden achtergesteld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden achterstellen bijzin, voorwaardelijk
zoudt achtergesteld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt achtergesteld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt achterstellen bijzin, voorwaardelijk
zullen achtergesteld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen achtergesteld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen achtergesteld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen achtergesteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen achtergesteld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen achtergesteld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen achtergesteld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen achterstellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen achterstellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen achterstellen bijzin, toekomende tijd
zult achtergesteld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord achterstel

Herkomst

samenstelling van achter en stellen

Woordfamilie van achterstellen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
achterstelde subordinate-clause, verleden tijd achterstellen
achterstelden subordinate-clause, verleden tijd achterstellen
achterstelle with-subordinate-clause achterstellen
achterstellend onvoltooid deelwoord achterstellen
achterstellende woordvorm achterstellen
achterstelt subordinate-clause, tegenwoordige tijd achterstellen
stel achter gebiedende wijs achterstellen
stelde achter verleden tijd achterstellen
stelden achter aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon achterstellen
stelle achter woordvorm achterstellen
stellen achter aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon achterstellen
stelt achter aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon achterstellen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van achterstellen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over achterstellen

Wat is de betekenis van achterstellen?
Achterstellen is een werkwoord. De betekenis is: iets of iemand te laag waarderen, of in een ongunstige positie plaatsen.
Hoe vervoeg ik achterstellen?
Zo vervoeg je achterstellen zo: het voltooid deelwoord is achtergesteld. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord achterstellen is 28 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. C 5
  3. H 4
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. S 2
  8. T 2
  9. E 1
  10. L 3
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 28 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

achterstellen levert met Wordfeud minimaal 28 en maximaal 114 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. C 5
  3. H 4
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. S 2
  8. T 2
  9. E 1
  10. L 3
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 28 zonder bonus
  15. 114 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

achterstellen in het kort

achterstellen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Van achterstellen staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort achterstellen bij een woordfamilie van 12 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

achterstellen: iets of iemand te laag waarderen, of in een ongunstige positie plaatsen
Deel achterstellen — standaardnederlands.nl