Naar de inhoud

aankondigen

bekendmaken, verklaren

aankondigen

werkwoord ˈaŋkɔndəɣə(n)

Betekenis

  1. bekendmaken, verklaren
  2. voorspellen

Hoe spreek je aankondigen uit?

/ˈaŋkɔndəxən/

Aankondigen bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈaŋkɔndəxən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
a maan
ŋ ding
k kat
ɔ bot
n nek
d dak
ə de
x acht
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van aankondigen

aankondigenhele werkwoord — kondigde aanverleden tijd enkelvoud — kondigden aanverleden tijd meervoud — aangekondigdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kondig aan kondigde aan
jij kondigt aan kondigde aan
hij, zij, het kondigt aan kondigde aan
wij kondigen aan kondigden aan
jullie kondigen aan kondigden aan
zij kondigen aan kondigden aan
Alle 158 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
aan te kondigen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aan te zullen kondigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aan zal kondigen bijzin, toekomende tijd
aan zou kondigen bijzin, voorwaardelijk
aan zouden kondigen bijzin, voorwaardelijk
aan zoudt kondigen bijzin, voorwaardelijk
aan zullen kondigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aan zullen kondigen bijzin, toekomende tijd
aan zult kondigen bijzin, toekomende tijd
aangekondigd verleden tijd, deelwoord
aangekondigd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangekondigd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangekondigd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangekondigd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangekondigd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangekondigd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangekondigd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangekondigd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangekondigd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangekondigd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aankondig bijzin, tegenwoordige tijd
aankondigde bijzin, verleden tijd
aankondigden bijzin, verleden tijd
aankondigend onvoltooid, deelwoord
aankondigt bijzin, tegenwoordige tijd
ben aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is aangekondigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was aangekondigd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd aangekondigd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt aangekondigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal aangekondigd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal aangekondigd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou aangekondigd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou aangekondigd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had aangekondigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had aangekondigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had aangekondigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden aangekondigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden aangekondigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden aangekondigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt aangekondigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangekondigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kondig aan gebiedende wijs
kondig u/je aan, kondigt je aan gebiedende wijs
kondigde aan verleden tijd
te hebben aangekondigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen aankondigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart aangekondigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangekondigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren aangekondigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangekondigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was aangekondigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was aangekondigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was aangekondigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt aangekondigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal aangekondigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangekondigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal aangekondigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal aangekondigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangekondigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal aankondigen bijzin, toekomende tijd
zal me aankondigen eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal zich aankondigen derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal, zult je aankondigen tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zich aangekondigd hebben verleden tijd
zich aankondigend onvoltooid, deelwoord
zijn aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt aangekondigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou aangekondigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangekondigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangekondigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangekondigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangekondigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangekondigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou aankondigen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) aankondigen aan zou(dt) kondigen bijzin, voorwaardelijk
zouden aangekondigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangekondigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangekondigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangekondigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangekondigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangekondigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden aankondigen bijzin, voorwaardelijk
zoudt aangekondigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangekondigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aankondigen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt aankondigen bijzin, voorwaardelijk
zullen aangekondigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangekondigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangekondigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aangekondigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangekondigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangekondigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangekondigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon

Herkomst

samenstelling van aan vz en kondigen ww

Woordfamilie van aankondigen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
aankondig subordinate-clause, tegenwoordige tijd aankondigen
aankondigde subordinate-clause, verleden tijd aankondigen
aankondigden subordinate-clause, verleden tijd aankondigen
aankondige with-subordinate-clause aankondigen
aankondigend onvoltooid deelwoord aankondigen
aankondigende woordvorm aankondigen
aankondigt subordinate-clause, tegenwoordige tijd aankondigen
kondig aan gebiedende wijs aankondigen
kondigde aan verleden tijd aankondigen
kondigden aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon aankondigen
kondige aan woordvorm aankondigen
kondigen aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon aankondigen
kondigt aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon aankondigen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aankondigen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over aankondigen

Hoe spreek ik aankondigen uit?
Zo spreek je aankondigen uit: /ˈaŋkɔndəɣə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van aankondigen?
Aankondigen is een werkwoord. De betekenis is: bekendmaken, verklaren. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik aankondigen?
Zo vervoeg je aankondigen zo: het voltooid deelwoord is aangekondigd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord aankondigen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. K 3
  5. O 1
  6. N 1
  7. D 2
  8. I 1
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

aankondigen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. K 3
  5. O 1
  6. N 1
  7. D 2
  8. I 2
  9. G 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 17 zonder bonus
  13. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (K) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

aankondigen in het kort

aankondigen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van aankondigen staan er 99 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort aankondigen bij een woordfamilie van 13 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

aankondigen: bekendmaken, verklaren
Deel aankondigen — standaardnederlands.nl