Naar de inhoud

aangrijpen

met kracht aanpakken

aangrijpen

werkwoord ˈaŋɣrɛipə(n)

Betekenis

  1. met kracht aanpakken
  2. aanvallen.
  3. hevig ontroeren
  4. Van de gelegenheid gebruik maken wanneer die zich voordoet.

Hoe spreek je aangrijpen uit?

/ˈaŋxrɛipən/

Aangrijpen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈaŋxrɛipən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
a maan
ŋ ding
x acht
r rood
ɛi trein
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. aanpakken transitive

Vervoeging van aangrijpen

aangrijpenhele werkwoord — greep aanverleden tijd enkelvoud — grepen aanverleden tijd meervoud — aangegrepenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik grijp aan greep aan
jij grijpt aan greep aan
hij, zij, het grijpt aan greep aan
wij grijpen aan grepen aan
jullie grijpen aan grepen aan
zij grijpen aan grepen aan
Alle 146 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
aan te grijpen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aan te zullen grijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aan zal grijpen bijzin, toekomende tijd
aan zou grijpen bijzin, voorwaardelijk
aan zouden grijpen bijzin, voorwaardelijk
aan zoudt grijpen bijzin, voorwaardelijk
aan zullen grijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aan zullen grijpen bijzin, toekomende tijd
aan zult grijpen bijzin, toekomende tijd
aangegrepen verleden tijd, deelwoord
aangegrepen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangegrepen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangegrepen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangegrepen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangegrepen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangegrepen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangegrepen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangegrepen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangegrepen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangegrepen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangreep bijzin, verleden tijd
aangreept bijzin, verleden tijd
aangrepen bijzin, verleden tijd
aangrijp bijzin, tegenwoordige tijd
aangrijpend onvoltooid, deelwoord
aangrijpt bijzin, tegenwoordige tijd
ben aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is aangegrepen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was aangegrepen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd aangegrepen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt aangegrepen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal aangegrepen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal aangegrepen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou aangegrepen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou aangegrepen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
greep aan verleden tijd
grijp aan gebiedende wijs
had aangegrepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had aangegrepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had aangegrepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden aangegrepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden aangegrepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden aangegrepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt aangegrepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangegrepen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben aangegrepen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen aangrijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart aangegrepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangegrepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren aangegrepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangegrepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was aangegrepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was aangegrepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was aangegrepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt aangegrepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal aangegrepen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangegrepen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal aangegrepen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal aangegrepen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangegrepen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal aangrijpen bijzin, toekomende tijd
zijn aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt aangegrepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou aangegrepen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangegrepen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangegrepen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangegrepen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangegrepen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangegrepen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou aangrijpen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) aangrijpen aan zou(dt) grijpen bijzin, voorwaardelijk
zouden aangegrepen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangegrepen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangegrepen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangegrepen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangegrepen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangegrepen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden aangrijpen bijzin, voorwaardelijk
zoudt aangegrepen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangegrepen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt aangrijpen bijzin, voorwaardelijk
zullen aangegrepen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangegrepen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangegrepen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aangegrepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangegrepen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangegrepen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangegrepen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangrijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aangrijpen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen aangrijpen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van aan vz en grijpen ww

Woordfamilie van aangrijpen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
aangegrepen voltooid deelwoord aangrijpen
aangreep subordinate-clause, verleden tijd aangrijpen
aangrepen subordinate-clause, verleden tijd aangrijpen
aangrijp subordinate-clause, tegenwoordige tijd aangrijpen
aangrijpe with-subordinate-clause aangrijpen
aangrijpt subordinate-clause, tegenwoordige tijd aangrijpen
greep aan verleden tijd aangrijpen
greept aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, enkelvoud, 2e persoon aangrijpen
grepen aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon aangrijpen
grijp aan gebiedende wijs aangrijpen
grijpe aan woordvorm aangrijpen
grijpen aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon aangrijpen
grijpt aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon aangrijpen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aangrijpen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over aangrijpen

Hoe spreek je aangrijpen uit?
De uitspraak van aangrijpen is: /ˈaŋɣrɛipə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent aangrijpen?
Aangrijpen is een werkwoord. Het woord betekent: met kracht aanpakken. Deze pagina beschrijft 5 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je aangrijpen?
Je vervoegt aangrijpen als volgt: het voltooid deelwoord is aangegrepen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord aangrijpen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. G 3
  5. R 2
  6. I 1
  7. J 4
  8. P 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

aangrijpen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. G 3
  5. R 2
  6. I 2
  7. J 4
  8. P 4
  9. E 1
  10. N 1
  11. 20 zonder bonus
  12. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (J) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

aangrijpen in het kort

aangrijpen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 5 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van aangrijpen zijn 90 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort aangrijpen bij een woordfamilie van 13 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

aangrijpen: met kracht aanpakken
Deel aangrijpen — standaardnederlands.nl