Naar de inhoud

zwoegen

zwaar en moeilijk werk verrichten, ploeteren

zwoegen

werkwoord

Betekenis

  1. zwaar en moeilijk werk verrichten, ploeteren
  2. hijgen

Vervoeging van zwoegen

zwoegenhele werkwoord — zwoegdeverleden tijd enkelvoud — zwoegdenverleden tijd meervoud — gezwoegdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik zwoeg zwoegde
jij zwoegt zwoegde
hij, zij, het zwoegt zwoegde
wij zwoegen zwoegden
jullie zwoegen zwoegden
zij zwoegen zwoegden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gezwoegd verleden tijd, deelwoord
gezwoegd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gezwoegd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gezwoegd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gezwoegd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gezwoegd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gezwoegd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gezwoegd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gezwoegd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gezwoegd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gezwoegd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gezwoegd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gezwoegd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gezwoegd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gezwoegd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gezwoegd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gezwoegd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gezwoegd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gezwoegd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen zwoegen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
te zwoegen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
zal gezwoegd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gezwoegd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gezwoegd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gezwoegd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gezwoegd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gezwoegd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gezwoegd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gezwoegd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gezwoegd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gezwoegd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gezwoegd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gezwoegd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gezwoegd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen zwoegen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gezwoegd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult zwoegen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zwoeg gebiedende wijs
zwoegde verleden tijd
zwoege aanvoegende wijs
zwoegend onvoltooid, deelwoord

Herkomst

In de betekenis van ‘hijgen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1567

Woordfamilie van zwoegen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gezwoegd voltooid deelwoord zwoegen
zwoeg gebiedende wijs zwoegen
zwoegde verleden tijd zwoegen
zwoegden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon zwoegen
zwoege aanvoegende wijs zwoegen
zwoegt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon zwoegen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zwoegen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over zwoegen

Wat is de betekenis van zwoegen?
Zwoegen is een werkwoord. De betekenis is: zwaar en moeilijk werk verrichten, ploeteren. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik zwoegen?
Zo vervoeg je zwoegen zo: de tegenwoordige tijd is zwoeg, de verleden tijd is zwoegde en het voltooid deelwoord is gezwoegd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord zwoegen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. Z 4
  2. W 5
  3. O 1
  4. E 1
  5. G 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

zwoegen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 121 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. Z 5
  2. W 5
  3. O 1
  4. E 1
  5. G 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 17 zonder bonus
  9. 121 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

zwoegen telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

zwoegen in het kort

zwoegen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van zwoegen staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort zwoegen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

zwoegen: zwaar en moeilijk werk verrichten, ploeteren
Deel zwoegen — standaardnederlands.nl