zuiver
bijvoeglijk naamwoord, werkwoord ˈzœyvərBetekenis
- onbezoedeld, zonder verontreiniging
- precies de juiste toonhoogte
Hoe spreek je zuiver uit?
/ˈzœyvər/
Zuiver bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| œy | huis |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zuiverder | onverbogen, vergrotende trap |
| zuiverdere | verbogen, vergrotende trap |
| zuiverders | partitief, vergrotende trap |
| zuivere | verbogen, stellende trap |
| zuivers | partitief, stellende trap |
| zuiverst | onverbogen, overtreffende trap |
| zuiverste | verbogen, overtreffende trap |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zuiveren
- gebiedende wijs van zuiveren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zuiveren
Vervoeging van zuiver
zuiverhele werkwoord
Herkomst
via Middelnederlands suver dat teruggaat op Latijn sobrius "nuchter, niet dronken", in de betekenis van ‘puur, helder’ aangetroffen vanaf 1236
Woordfamilie van zuiver
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zuiverder | vergrotende trap | zuiver |
| zuiverdere | verbogen vergrotende trap | zuiver |
| zuiverders | partitieve vergrotende trap | zuiver |
| zuivers | partitive, positive | zuiver |
| zuiverst | uninflected, superlative | zuiver |
| zuiverste | inflected, superlative | zuiver |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zuiver zijn vastgelegd.