zorgeloosheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- onbekommerdheid, onbezorgdheid.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zorgeloosheden | meervoud |
| zorgeloosheidje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zorgeloosheidjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
afgeleid van zorgeloos met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van zorgeloosheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zorgeloosheden | meervoud | zorgeloosheid |
| zorgeloosheidje | verkleinwoord | zorgeloosheid |
| zorgeloosheidjes | verkleinwoord meervoud | zorgeloosheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zorgeloosheid zijn vastgelegd.