zitgedeelte
zelfstandig naamwoordBetekenis
- deel van een ruimte waarin men kan zitten
- deel van een stoel of bank waarop men kan zitten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zitgedeelten | meervoud |
| zitgedeeltes | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zitten ww en gedeelte zn
Woordfamilie van zitgedeelte
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zitgedeelten | meervoud | zitgedeelte |
| zitgedeeltes | meervoud | zitgedeelte |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zitgedeelte zijn vastgelegd.