zijtak
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een deel van een plant of boom: een tak die ontspringt van de stam of een tak
- aftakking van een rivier of kanaal
- aftakkingen van andere zaken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zijtakje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zijtakjes | verkleinwoord, meervoud |
| zijtakken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zij en tak
Woordfamilie van zijtak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zijtakje | verkleinwoord | zijtak |
| zijtakjes | verkleinwoord meervoud | zijtak |
| zijtakken | meervoud | zijtak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zijtak zijn vastgelegd.