zambo
zelfstandig naamwoord /ˈzɑmbo/Betekenis
- een persoon van gemengd negroïde en indiaanse afkomst
Hoe spreek je zambo uit?
/ˈzɑmbo/
Zambo bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| ɑ | bad |
| m | maan |
| b | bak |
| o | boot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zambo's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Spaans, in de betekenis van ‘kind van neger en indiaanse’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847
Woordfamilie van zambo
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zambo's | meervoud | zambo |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zambo zijn vastgelegd.