zakenrecht
zelfstandig naamwoordBetekenis
- civielrechtelijk rechtsgebied met betrekking tot de rechtsverhouding van personen tot een bepaalde goed
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zakenrechten | meervoud |
| zakenrechtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zakenrechtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zaak en recht met het invoegsel -en-
Woordfamilie van zakenrecht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zakenrechten | meervoud | zakenrecht |
| zakenrechtje | verkleinwoord | zakenrecht |
| zakenrechtjes | verkleinwoord meervoud | zakenrecht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zakenrecht zijn vastgelegd.