zakagenda
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een klein formaat agenda
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zakagenda's | meervoud |
| zakagendaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zakagendaatjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zak en agenda
Woordfamilie van zakagenda
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zakagenda's | meervoud | zakagenda |
| zakagendaatje | verkleinwoord | zakagenda |
| zakagendaatjes | verkleinwoord meervoud | zakagenda |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zakagenda zijn vastgelegd.