zaakvoerder
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een persoon die in opdracht van een ander een economische activiteit uitoefent
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zaakvoerders | meervoud |
| zaakvoerdertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zaakvoerdertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zaak en voerder
Woordfamilie van zaakvoerder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zaakvoerders | meervoud | zaakvoerder |
| zaakvoerdertje | verkleinwoord | zaakvoerder |
| zaakvoerdertjes | verkleinwoord meervoud | zaakvoerder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zaakvoerder zijn vastgelegd.