zaaksofficier
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de reguliere officier van justitie die de leiding heeft over de zaak en het onderzoek nadat het vooronderzoek afgelopen is
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zaaksofficieren | meervoud |
| zaaksofficiers | meervoud |
| zaaksofficiertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zaaksofficiertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zaak en officier met het invoegsel -s-
Woordfamilie van zaaksofficier
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zaaksofficieren | meervoud | zaaksofficier |
| zaaksofficiers | meervoud | zaaksofficier |
| zaaksofficiertje | verkleinwoord | zaaksofficier |
| zaaksofficiertjes | verkleinwoord meervoud | zaaksofficier |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zaaksofficier zijn vastgelegd.